Rome: Santa Maria della Vittoria

De Santa Maria della Vittoria.

De Santa Maria della Vittoria is maar een kleine kerk, maar tegelijkertijd een van de weelderigste Barokkerken in heel Rome. Ze is vooral bekend vanwege een beeld van Gian Lorenzo Bernini (1598-1680), de Extase van Theresia. De kerk en het beeld spelen een belangrijke rol in de roman Het Bernini Mysterie (Angels & Demons) van auteur Dan Brown.

Geschiedenis

Het ‘Vittoria’-gedeelte in de naam van de kerk verwijst naar de katholieke overwinning in de Slag op de Witte Berg op 8 november 1620. Tijdens deze veldslag behaalden troepen van het Heilige Roomse Rijk een beslissende overwinning op de protestanten in Bohemen. De Koning van Bohemen, Frederik V van de Palts, moest daarop vluchten naar zijn ooms in de Nederlanden.[1] Vanwege de korte duur van zijn koningschap kwam hij bekend te staan als de ‘Winterkoning’. Tijdens de slag had een keizerlijke kapelaan een icoon van de Geboorte van Christus om zijn nek gedragen. Daarop stond ook een afbeelding van Onze-Lieve-Vrouwe en zij zou een bijdrage aan de overwinning hebben geleverd. Het icoon werd na de slag eerst naar Praag gebracht en vervolgens naar Rome. Aangezien de kapelaan een lid was van de Orde van de Ongeschoeide Karmelieten, werd het icoon in een plechtige processie naar de plek gedragen waar deze Orde een kerk aan het bouwen was. Oorspronkelijk was deze kerk gewijd aan de Apostel Paulus, maar later werd ze herwijd aan de Maagd Maria, als dank voor haar hulp tijdens de Slag op de Witte Berg.

Barokinterieur van de kerk.

Op deze plek stond al eeuwen een Pauluskapel, die later werd vervangen door een grotere kerk. Pas in 1607 kochten de Ongeschoeide Karmelieten deze kerk en het omliggende terrein. Daar begonnen ze met de bouw van een nieuwe kerk en een klooster voor henzelf. Later werd het werk aan de kerk voortgezet door kardinaal Scipione Borghese (1577-1633). Zijn naam is prominent aanwezig op de gevel van de kerk, net zoals dat het geval is bij de San Crisogono in Trastevere. De broeders hadden op het terrein een beeld opgegraven dat nu bekendstaat als de Slapende Hermafrodiet. Borghese wilde dit beeld hebben en bood in ruil daarvoor aan de kerk te financieren. De belangrijkste architect die bij de bouw was betrokken was Carlo Maderno (1556-1629), maar de gevel is een ontwerp van Giovanni Battista Soria (1581-1651). In 1626 werd de kerk voltooid. Pas tijdens het pontificaat van Paus Innocentius X (1644-1655) werd ze formeel gewijd aan Onze-Lieve-Vrouwe van de Overwinning.

Apsisfresco.

De overdadige Barokversieringen werden in de achttiende eeuw toegevoegd. Helaas liep de kerk ernstige schade op als gevolg van een brand in koor die op 29 juni 1833 uitbrak. Het originele icoon en het apsisfresco van Giovanni Domenico Cerrini (1609-1681) gingen hierbij verloren. Het icoon werd vervangen door een nieuw icoon en het apsisfresco door een negentiende-eeuwse schildering van de intocht van de afbeelding van Onze-Lieve-Vrouwe in Praag. Het nieuwe fresco is vrij goed, moet ik zeggen.

De Santa Maria della Vittoria verkennen

De kerk is een klein juwelendoosje in Barokstijl en zelfs mensen die een hekel hebben aan Barokkerken zullen onder de indruk zijn. Hoewel het apsisfresco van Cerrini verloren ging in de vlammen, is zijn plafondfresco gelukkig bewaard gebleven. Het is in wezen een allegorie op de Slag op de Witte Berg: Onze-Lieve-Vrouwe en haar engelen (i.e. de katholieken) bevinden zich hoog in de hemel en de krachten van de duisternis, aangevoerd door Lucifer (i.e. de protestanten), worden daar juist uitgegooid. Het fresco wordt omgeven door engelen en putti van pleisterwerk die in de achttiende eeuw werden toegevoegd.

Plafond van de kerk.

Het mooiste gedeelte van de Santa Maria della Vittoria is natuurlijk de laatste kapel aan de linkerkant, de Cappella Cornaro. Hier treft u doorgaans hordes toeristen aan die Bernini’s beeld van de Extase van Theresia komen bewonderen. De kapel werd genoemd naar haar beschermheren, de familie Cornaro uit Venetië. Deze familie, bekend als de Corner in het Venetiaanse dialect, was enorm uitgebreid en leverde de Meest Serene Republiek vier Doges, vele kardinalen en grote aantallen andere hoogwaardigheidsbekleders. De laatste Koningin van Cyprus uit de dynastie van de Lusignans, Catharina Cornaro, was eveneens een lid van deze familie (zie Cyprus: Paphos and the history of Cyprus). De eerste beschermheer van de Cornaro-kapel was kardinaal Federico Cornaro (1579-1653), die sinds 1631 het ambt van Patriarch van Venetië bekleedde. Federico betaalde Bernini een flinke geldsom om de kapel te decoreren. De kunstenaar was hier actief tussen 1647 en 1652. Het resultaat wordt tot zijn beste werk gerekend.

De Extase van Theresia.

Federico Cornaro en familie.

De Extase van Theresia is een controversieel beeld, en dan druk ik me nog voorzichtig uit. Het is uit één enkel blok marmer gehouwen en toont de heilige – Theresia van Ávila (1515-1582) – tijdens haar extase terwijl een engel over haar heen gebogen staat, klaar om haar hart nogmaals met zijn speer te doorboren. Het beeld wordt soms pornografisch genoemd, en men begrijpt wel waarom. Het lijkt erop alsof Theresia een orgasme beleeft en de glimlach van de engel zegt meer dan duizend woorden.[2] De Franse schrijver Charles de Brosses (1709-1777) zou hebben opgemerkt: “Als dit goddelijke liefde is, dan ben ik daar goed mee bekend”. Ondanks het controversiële karakter ervan werd het beeld echter nooit uit de kerk verwijderd en niemand kan betwijfelen dat Bernini briljant werk heeft afgeleverd. Rechts van Theresia ziet men kardinaal Cornaro zelf en andere leden van zijn familie, gezeten in een operaloge: Bernini maakte van de kapel als het ware een klein theater. Alleen de kardinaal lijkt naar de heilige in haar extase te kijken; de andere drie zijn totaal niet geïnteresseerd (er is een tweede loge aan de andere kant van de kapel).

De Santa Maria della Vittoria en het beeld van Bernini spelen een belangrijke rol in de roman Het Bernini Mysterie (2000) van Dan Brown en in de verfilming ervan (2009). In een tamelijk gruwelijke scène wordt een ontvoerde kardinaal levend geroosterd in de kerk. Hoofdpersoon Robert Langdon weet maar net het vege lijf te redden terwijl de bevelhebber van de Zwitserse Garde wordt vermoord en Langdons vrouwelijke metgezel wordt ontvoerd. Uiteraard was het onmogelijk deze scène in de kerk zelf op te nemen, dus de makers moesten gebruikmaken van CGI. Wie de betreffende scène nauwkeurig bekijkt, zal zien dat ze daarbij een foutje maakten: na de moord op vele mensen lijkt de Assassijn vanuit het middenschip een zijbeuk in te lopen. De Santa Maria della Vittoria heeft echter geen zijbeuken: het gaat om een éénbeukige kerk.

Bronnen

  • Capitool Reisgidsen Rome, 2009, p. 255;
  • Luc Verhuyck, SPQR. Anekdotische reisgids voor Rome, p. 73-74;
  • Santa Maria della Vittoria op Churches of Rome Wiki.

Noten

[1] Zijn moeder was Louise Juliana van Nassau, dochter van Willem de Zwijger. Zijn ooms waren de stadhouders en halfbroers Maurits en Frederik Hendrik, zonen van dezelfde Willem de Zwijger.

[2] Bernini was terughoudender bij het maken van het beeld van de Zalige Ludovica Albertoni voor de San Francesco a Ripa in 1674.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.