Rome: Santa Maria dell’Orto

De Santa Maria dell’Orto.

Ik dacht altijd dat er maar drie interessante kerken in Trastevere waren, mijn favoriete buurt in Rome: de Santa Maria in Trastevere natuurlijk, en vervolgens de Santa Cecilia en de San Crisogono. Ik realiseer me nu dat ik het al die tijd bij het verkeerde eind heb gehad. Ook de Santa Maria dell’Orto hoort op het lijstje interessante kerken thuis. Men vindt deze kerk in de Via Anicia, net om de hoek bij de Santa Cecilia. De kerk is gewijd aan Onze-Lieve-Vrouwe van de Tuin, waarbij orto het Italiaanse woord voor een moestuin is.

De kerk werd hoofdzakelijk in de zestiende eeuw gebouwd en heeft een spectaculair Barokinterieur uit de achttiende eeuw. Het meest in het oog springende onderdeel van de Santa Maria dell’Orto is echter haar massieve bakstenen gevel. Deze wordt toegeschreven aan Giacomo Barozzi da Vignola (1507-1573), al was deze al overleden toen de gevel werd voltooid. Helaas blokkeert een groot schoolgebouw, waarin het Istituto Comprensivo Regina Margherita is gehuisvest, het zicht op het rechter gedeelte van de gevel. Wat verder bijzonder is aan de Santa Maria dell’Orto is dat ze een gildekerk is (of liever: is geweest). Gilden van winkeliers, groentemannen en molenaars – om er maar een paar te noemen – gaven opdrachten aan architecten en kunstenaars en huurden kapellen in de kerk. In dit opzicht kan de kerk misschien vergeleken worden met de kerk van Orsanmichele in Florence.

Geschiedenis

Interieur van de kerk.

Volgens de overlevering bad ooit een ernstig zieke boer in Trastevere tot een icoon van de Maagd Maria, met een wonderbaarlijke genezing als gevolg. De boer plaatste het icoon vervolgens in de buurt van het hek rondom zijn moestuin en al gauw werd er melding gemaakt van nog meer wonderen. Dit alles leidde eerst tot de bouw van een kapel en daarna van een echte kerk. De Broederschap (later: Aartsbroederschap) van Santa Maria dell’Orto was de drijvende kracht achter de bouw van de kerk, die waarschijnlijk in de late vijftiende eeuw begon. Verschillende gilden – traditioneel zouden het er twaalf zijn geweest – waren eveneens bij het project betrokken. Het Italiaanse woord voor een gilde is università. Dat is nogal verwarrend, want het woord kan ook ‘universiteit’ betekenen.

Hoewel de kerk al in 1524 werd ingewijd, was ze op dat moment nog verre van voltooid. Het werk werd voortgezet onder leiding van Guidetto Guidetti (gestorven in 1564), die nog een leerling was geweest van de grote architect en beeldhouwer Michelangelo. Guidetti wijzigde het ontwerp voor de kerk op belangrijke punten. Aanvankelijk was de kerk bedacht in de vorm van een Grieks kruis, maar Guidetti veranderde dat in een Latijns kruis. Die vorm heeft de kerk nog steeds. De spectaculaire gevel van Vignola werd in 1577 voltooid, vier jaar na de dood van de architect. De finishing touch wordt toegeschreven aan de architect Francesco Capriani da Volterra (1535-1594). Zeer opvallend aan de gevel is dat er elf kleine obelisken op staan. Rond 1579 werd ook het werk aan het interieur van de kerk voltooid.

Plafond van de kerk.

Interieur

Ook vandaag de dag heeft de kerk nog steeds decoraties uit de zestiende en zeventiende eeuw, bijvoorbeeld van de broers Federico (1539-1609) en Taddeo Zuccari (1529-1566) en van Giovanni Baglione (ca. 1573-1643). Het overdadige Barokinterieur dateert echter uit de achttiende eeuw. De gebeeldhouwde bloemenkransen en het gebladerte geven de bezoeker de indruk dat hij in een echte tuin rondloopt. Veel van het stucwerk, inclusief dat van het plafond van het middenschip, is verguld. Op dit plafond zien we een groot fresco van de Tenhemelopneming van de Maagd van de hand van Giacinto Calandrucci (1646-1707). Het werk aan het middenschip en aan de marmeren vloer werd verricht onder leiding van de architect Gabriele Valvassori (1683-1761), ons wiens auspiciën tevens het stucwerk in Barokstijl werd vervaardigd. Ten slotte was Valvassori ook verantwoordelijk voor het huidige hoogaltaar, waarop we het originele icoon van Onze-Lieve-Vrouwe van de Tuin aantreffen.

In 1585 bezocht een delegatie van vier Japanse katholieken – het zogenaamde Tenshō-gezantschap – de stad Rome voor een ontmoeting met Paus Gregorius XIII (1572-1585). Ze waren net op tijd, want de Heilige Vader – al dik in de tachtig – overleed in april van datzelfde jaar. Een van de gezanten was Nakaura Jurian of Giuliano Nakaura (1568-1633). Hij was Jezuïet, priester en missionaris. In 1633 stierf hij de marteldood en in 2008 werd hij zalig verklaard. In de derde kapel rechts, die werd gehuurd door het gilde van de wijnboeren (vignaioli), staat een modern icoon van hem. Waarschijnlijk werd het geschilderd ter gelegenheid van zijn zaligverklaring.

Icoon van de Zalige Giuliano Nakaura.

Op het icoon is Nakaura als een jonge man afgebeeld, maar hij was al ruim in de zestig toen hij werd geëxecuteerd. Zijn jeugdige gelaatstrekken zijn wellicht ingegeven door het feit dat hij pas zeventien jaar oud was toen hij als lid van het Tenshō-gezantschap de Eeuwige Stad bezocht. Op de achtergrond zien we de gevel van de Santa Maria dell’Orto en de rivier de Tiber. Volgens de overlevering zou het Japanse gezelschap zijn meegenomen voor een pleziertochtje op de Tiber toen hun schip plots in een storm terechtkwam. Gelukkig realiseerden de Japanners zich dat ze net de Santa Maria dell’Orto hadden bezocht, dus ze begonnen te bidden tot Onze-Lieve-Vrouwe van de Tuin. Dat had effect. Dit incident verklaart de eeuwenoude band tussen de kerk en de katholieken van Japan.

Churches of Rome Wiki was een belangrijke bron voor deze bijdrage.

 

Leave a Reply

Your e-mail address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.