Rome: Santa Bibiana

Santa Bibiana.

De kerk van Santa Bibiana staat op een van de meest naargeestige plekken van Rome. Het gebouw is ingeklemd tussen de Via Giovanni Giolitti, de Via Santa Bibiana en de spoorlijnen die bij het Centraal Station van Rome (Roma Termini) beginnen. De kerk staat hier zeer geïsoleerd, want ze heeft geen buren. Het contrast met de situatie tot en met de eerste helft van de negentiende eeuw is enorm groot. Vanaf de bouw in de vijfde eeuw tot 1863 stond de kerk ook zeer geïsoleerd, maar dan omdat ze zich op het platteland bevond, ver buiten het stadscentrum en omringd door groen en wijngaarden. In 1863 begon Paus Pius IX (1846-1878) met de bouw van een eerste treinstation. Dit was nog een tijdelijk station, dat al snel vervangen werd door een permanent station. De eerste versie van Roma Termini was in 1874 gereed, nadat Rome door Italiaanse troepen op de paus was veroverd en de hoofdstad van het verenigde Italië was geworden. De bouw van een nieuw station begon in 1937, maar mede als gevolg van de Tweede Wereldoorlog was het pas in 1950 klaar. Het station zorgde voor een proces van urbanisatie rondom de kerk van Santa Bibiana, die haar directe omgeving radicaal zag veranderen. Als u de kerk wilt bezoeken, bedenk dan wel dat het vanaf het plein voor Roma Termini nog bijna een kilometer lopen is naar de Santa Bibiana!

Vroege geschiedenis

De vroege geschiedenis van de Santa Bibiana is tamelijk schimmig te noemen. De kerk staat in wat in de Oudheid de Horti Liciniani waren, de tuinen die toebehoorden aan de adellijke gens Licinia. Vooral keizer Gallienus (253-268), die tot deze familie behoorde, kwam hier graag. Zo’n 275 meter ten zuidoosten van de kerk staat de zogenaamde ‘tempel van Minerva Medica’ die eveneens tot het tuinencomplex behoorde (en overigens geen tempel is). Volgens de overlevering bezat de familie van de christelijke Bibiana (Viviane in het Nederlands) hier een huis. Tijdens de christenvervolgingen van keizer Julianus de Apostaat (361-363) zou Bibiana de marteldood zijn gestorven. Die marteldood moet tamelijk gruwelijk zijn geweest, want naar verluidt werd ze doodgeslagen met koorden die met lood waren verzwaard. Ook haar vader Flavianus, haar moeder Dafrosa en haar zuster Demetria kwamen volgens de overlevering op tragische wijze aan hun einde. Er is echter van alles op deze overlevering aan te merken. Hoewel de genoemde keizer Julianus antichristelijke maatregelen nam en het christendom openlijk vijandig gezind was, keek hij wel uit om nieuwe martelaren te creëren. Van de christenvervolgingen van zijn voorgangers had hij geleerd dat deze uiteindelijk de positie van de christenen in het Romeinse Rijk eerder versterkt dan verzwakt hadden. Het martelaarschap inspireerde simpelweg nieuwe martelaren. Het is dan ook uitermate onwaarschijnlijk dat Bibiana echt tijdens de regering van Julianus de marteldood is gestorven.

Fresco’s van Pietro da Cortona met voorstellingen uit het leven van Bibiana. Links wordt ze doodgeranseld. In het midden haar zuster Demetria.

En er is meer aan de legende dat zeer twijfelachtig is. Vader Flavianus zou stadsprefect van Rome (praefectus urbi) zijn geweest, een zeer hoge bestuurlijke functie. In de tamelijk complete lijst met stadsprefecten vinden we echter alleen een Flavianus voor 311-312 en een voor 399-400 en 408. Verder zou volgens de overlevering een eerste heiligdom voor Bibiana op deze plek zijn gebouwd door een zekere Olympina, die familie van de martelares was. Dit zou in het jaar 363 zijn gebeurd, althans dat jaartal staat bij deze gebeurtenis vermeld op een zeventiende-eeuws fresco in de kerk (zie hierna). Van dit heiligdom zijn geen archeologische sporen teruggevonden en dat geldt ook voor het huis dat de familie van Bibiana zou hebben bezeten. Het is beter om aan te nemen dat de kerk werd gebouwd door Paus Simplicius (468-483). Opmerkelijk genoeg geven enkele bronnen aan dat de kerk in 467 werd gebouwd, het jaar voordat Simplicius als paus werd geïnstalleerd. Aan de kerk was in elk geval sinds het begin van de negende eeuw een nonnenklooster verbonden. Paus Eugenius IV (1431-1447) hief dit Benedictijnse klooster in 1439 op vanwege wangedrag van de nonnen. Ze hadden zich kennelijk niet gedragen zoals van goede zusters verwacht mocht worden. Het beheer van de kerk werd vervolgens overdragen het kapittel van de Santa Maria Maggiore.

Fresco’s van Agostino Ciampelli met voorstellingen uit het leven van Bibiana. Rechts haar begrafenis, links de bouw van een kerk door Olympina. In het midden moeder Dafrosa.

Inscriptie uit de twaalfde eeuw, met in de vierde regel de tekst ‘ursi pileati’.

Op een bewaard gebleven inscriptie in het Latijn uit de twaalfde eeuw wordt een verband gelegd tussen deze plek en een plek die ad Ursum Pileatum werd genoemd. Dit kan worden vertaald als ‘bij de beer met de muts’[1], maar waar de term naar verwijst, is onduidelijk. In elk geval zouden volgens de inscriptie hier maar liefst 11.260 martelaren zijn begraven. De inscriptie voegt daar aan toe dat kinderen en vrouwen niet inbegrepen zijn bij dit toch al astronomische aantal. Het verhaal van deze martelaren is hoogstwaarschijnlijk verzonnen, al wordt er wel een verband gelegd met een gebeurtenis tijdens het pontificaat van Paus Leo II (682-683). Gedurende de korte tijd dat hij paus was, wijdde Leo een kerk aan de heilige Paulus, waarheen hij de overblijfselen van een drietal martelaren liet overbrengen. Deze kerk van San Paolo moet in de buurt van de Santa Bibiana hebben gestaan. De naam ad Ursum Pileatum zou oorspronkelijk aan de begraafplaats van de martelaren hebben toebehoord en vervolgens op de kerk van San Paolo zijn overgegaan.

Latere geschiedenis

Gian Lorenzo Bernini (1598-1680) behoort zonder enige twijfel tot de grootste beeldhouwers en architecten uit de geschiedenis. In 1624 was hij echter nog maar een jongeman van 25 zonder enige ervaring op architectonisch gebied. Paus Urbanus VIII (1623-1644) had echter alle vertrouwen in hem. Met het oog op het door hem uitgeroepen Jubeljaar 1625 had Urbanus besloten dat het vervallen kerkje van Santa Bibiana, dat waarschijnlijk ook leeg stond, grondig gerestaureerd moest worden. Aan Bernini de taak het gebouw om te vormen tot een kerk in de stijl van de Barok. Het was zijn eerste opdracht als architect. Tussen 1624 en 1626 liet Bernini het voormalige nonnenklooster slopen, voegde hij twee kapellen aan de rechterzijde van de kerk toe en voorzag hij het gebouw van een nieuwe gevel. Deze tamelijk eenvoudige gevel zonder al te veel versieringen werd tegen het oude kerkje aangebouwd. Ze bestaat uit een loggia op de begane grond en woonruimte voor de priester op de eerste verdieping. Op een marmeren plaatje boven de centrale doorgang zien we de letters SMM, een verwijzing naar het kapittel van de Santa Maria Maggiore dat de kerk beheerde. Bernini maakte voor de Santa Bibiana ook een beroemd beeld van de martelares, dat hierna nog aan de orde komt.

Interieur van de kerk.

In 1920, toen het proces van urbanisatie al een hoge vlucht had genomen en er al enkele decennia treinen langs de kerk denderden, kwam de Santa Bibiana in handen van een congregatie genaamd de Zonen van de Heilige Familie. Oprichter van de congregatie was de Spaanse priester Josep Manyanet y Vives (1833-1901), die in 1984 zalig en in 2004 heilig werd verklaard. Manyanet y Vives stierf in Barcelona, de stad waar nog steeds aan de bekende Basílica de la Sagrada Família wordt gewerkt. De heilige zou de bouw van deze opmerkelijke kerk, die net als de congregatie is gewijd aan de Heilige Familie, een warm hart hebben toegedragen.

Bezienswaardigheden

Het oude plein voor de kerk is tegenwoordig een tuin, waarvan het hek doorgaans gesloten is. Als de kerk is geopend voor het publiek, komt u het gebouw binnen via een ander hek, dat toegang geeft tot de loggia van Bernini. Als u geluk hebt, en ik had dat tijdens mijn bezoek in januari 2022, dan kunt u via de loggia de tuin in lopen en de gevel bekijken. Aan de linkerzijde van de tuin is na de komst van de Zonen van de Heilige Familie een nieuw klooster gebouwd, dat architectonisch bezien niet interessant is. We lopen daarom terug de loggia in, waar de al genoemde inscriptie uit de twaalfde eeuw te vinden is waarop naar ad Ursum Pileatum wordt verwezen. Vanuit de loggia geven drie ingangen toegang tot de kerk.

Zuil van Santa Bibiana.

De Santa Bibiana is maar een kleine kerk met een kort middenschip en twee zijbeuken. In het middenschip zien we marmeren zuilen en kapitelen uit de Oudheid die duidelijk uit andere gebouwen komen. Anders gezegd, we hebben hier evident met spolia te maken. Vijf zuilen zijn roze, een is grijs en twee hebben spiraalversieringen. Direct links van de centrale ingang staat nog een zuil, beschermd door een bronzen rooster waarvan delen verguld zijn. Aan deze zuil zou Bibiana zijn vastgebonden toen ze werd doodgeslagen. Gelovigen hebben eeuwenlang stukjes van de zuil afgeschraapt en vermengd met een aftreksel van een plant die op het vermeende graf van Bibiana groeide. Het brouwsel zou helpen tegen epilepsie, en naar verluidt ook tegen hoofdpijn en geestesziekten. Het bronzen rooster, ontworpen door Bernini maakt het afschrapen thans een stuk moeilijker.

De muren van het middenschip werden vanaf 1624 beschilderd met fresco’s door twee bekende kunstenaars. Voor de fresco’s aan de rechterzijde tekende Agostino Ciampelli (1565-1630), een schilder die toen al in zijn nadagen verkeerde. Voor de fresco’s aan de linkerkant werd juist een jonge kunstenaar ingehuurd, Pietro da Cortona (1596-1669), die maar iets ouder was dan Bernini. Pietro da Cortona had warme banden met de familie Barberini, waartoe zowel Paus Urbanus VIII als diens neef kardinaal Francesco Barberini behoorden. Later schilderde hij onder meer een reusachtig plafondfresco in het Palazzo Barberini in Rome. Op dat fresco zijn de bijen uit het wapen van de Barberini’s prominent aanwezig en dat geldt ook voor de wandfresco’s in de Santa Bibiana. Op iedere muur zijn drie voorstellingen uit het leven van Bibiana geschilderd. Op de laatste voorstelling, van de hand van Ciampelli, zien we hoe de eerste kerk voor Bibiana gebouwd wordt, volgens het bijschrift in het jaar CCCLXIII (363). Tussen de voorstellingen zijn portretten geschilderd van Bibiana’s familieleden, links Demetria en Flavianus, rechts Olympina en Dafrosa. Pietro da Cortona schilderde ook het altaarstuk voor de kapel van Sint Dafrosa aan het einde van de rechter zijbeuk. Daar stond tijdens mijn bezoek in januari 2022 echter een kerststalletje, dat het zicht op het schilderij ontnam.

Santa Bibiana – Bernini.

Onder het hoogaltaar in het koor worden in een urn van albast uit vierde eeuw de beweerde resten van Bibiana, Dafrosa en Demetria bewaard. Boven het altaar staat in een nis het al genoemde beeld van Bibiana, tussen 1624 en 1626 gemaakt door Bernini. Ik had het beeld al eens gezien toen het was uitgeleend aan de Galleria Borghese voor een tentoonstelling over het werk van Bernini. Toen het beeld werd teruggebracht naar de kerk, brak de ringvinger van Bibiana’s rechterhand af. Gelukkig is daar nu niets meer van te zien: het restauratiewerk is vakkundig uitgevoerd. De heilige leunt tegen haar zuil en bij haar voeten groeit het kruid dat tegen epilepsie werd gebruikt. Volgens mijn reisgids heeft ze in haar linkerhand de koorden waarmee ze is doodgeslagen, maar het lijkt mij eerlijk gezegd eerder om een palmtak te gaan, het bekende symbool van een martelaar. Waar eerdere beelden van Bernini veel ‘naakter’ waren, is Bibiana volledig gekleed. Het beeld markeert daarmee een nieuwe fase in de carrière van Bernini als beeldhouwer. Het maken van een beeld van een naakte of halfnaakte persoon is natuurlijk veel gemakkelijker dan het beeldhouwen van kleding met allerhande kreuken en vouwen. Alleen al het beeld van Santa Bibiana maakt een bezoek aan de kerk de moeite waard. Let er wel op dat de kerk doorgaans al vroeg in de ochtend sluit en pas laat in de middag weer opengaat.

Bronnen

  • Capitool Reisgidsen Rome, 2009, p. 174;
  • Luc Verhuyck, SPQR. Anekdotische reisgids voor Rome, p. 156-157;
  • Santa Bibiana op Churches of Rome Wiki.

Noot

[1] De pilleus was een muts die werd gedragen door vrijgelatenen.

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.