Murano: San Pietro Martire

De San Pietro Martire, gezien van de zijkant. De Cometa di Vetro is nog net zichtbaar.

Al meer dan 700 jaar is het eiland Murano beroemd vanwege zijn glasindustrie. In 1291 gaf de Venetiaanse overheid alle glasmakers in de stad de opdracht hun glasblazerijen naar Murano te verplaatsen. De officiële reden was dat deze verhuizing noodzakelijk was om de stad tegen branden te beschermen (voor het maken van glas is enorme hitte nodig). De echte reden lijkt echter te zijn geweest dat het stadsbestuur alle glasmakers op één tamelijk geïsoleerde plek wilde concentreren om zo het geheime Venetiaanse procedé voor het maken van glas te beschermen. Hier op Murano werden de glasmakers scherp in de gaten gehouden door de Venetiaanse geheime politie. Tegenwoordig is er nog een groot aantal glasblazerijen actief op het eiland, voornamelijk voor de toeristen. En hoewel de vaardigheden van de glasmakers buiten kijf staan, is veel van wat ze vandaag de dag produceren helaas pure kitsch.

Deze bijdrage gaat niet over het glas van Murano, maar over een kerk die vlak bij een vrij spectaculair glazen kunstwerk, de Cometa di Vetro, staat. Deze “Glazen Komeet” vindt men aan het noordelijke uiteinde van de Fondamenta Manin. Direct ertegenover, aan de andere kant van het kanaal, zien we dan de zestiende-eeuwse kerk van San Pietro Martire.

Geschiedenis van de kerk

Vanaf de tweede helft van de veertiende eeuw werden een eerste kerk en een Dominicaans klooster op deze plek gebouwd. De kerk werd in 1417 ingezegend en gewijd aan Johannes de Doper. Helaas werd deze kerk in 1474 het slachtoffer van een brand, waarbij ze compleet verloren ging. Het is verleidelijk te denken dat het vuur werd veroorzaakt door een van de glasblazerijen, zeker nu de kade ten oosten van de kerk de Fondamenta dei Vetrai heet, de kade van de glasblazers. Maar hoe verleidelijk deze verklaring ook klinkt, er is geen enkele bron waarin ze wordt genoemd. Omdat er allerhande oorzaken voor kerkbranden te bedenken zijn, zou de brand van 1474 evengoed door een omgevallen kaars of een onvoorzichtige Dominicaanse monnik veroorzaakt kunnen zijn.

De kerk gezien vanaf de Riva Longa. Links zien we de Torre dell’Orologio, rechts de Ponte Longo over het kanaal. Let op de onheilspellende wolken.

Interieur van de kerk.

In elk geval werd de kerk spoedig herbouwd en vergroot. Tussen 1498 en 1502 werd de huidige klokkentoren neergezet en de vernieuwde kerk opende in 1511 haar deuren. Ter ere van de Dominicaanse wortels van het complex werd de kerk nu gewijd aan Sint Petrus de Martelaar, de Dominicaanse prediker en inquisiteur die in 1252 door een ketter werd vermoord. Zijn heiligverklaring slechts een jaar later behoorde tot de snelste in de geschiedenis van de Rooms-Katholieke Kerk. De graftombe van Sint Petrus – een schitterend monument van de kunstenaar Giovanni di Balduccio uit Pisa – staat overigens in de kerk van Sant’Eustorgio in Milaan. Vaak wordt deze heilige afgebeeld met een hakmes of een ander scherp voorwerp in zijn schedel, een verwijzing naar zijn marteldood, die kennelijk vrij bloederig was.

Terug naar Murano nu. De kerk van San Pietro Martire was zo’n 300 jaar in bedrijf, maar in 1797 ontbond Napoleon Bonaparte de Republiek Venetië. In 1806 werd de San Pietro Martire gesloten en werden de meeste van haar kunstwerken in beslag genomen en verplaatst naar de Accademia in Dorsoduro. In 1813 werd de kerk heropend als parochiekerk en herwijd aan Petrus – de Apostel, niet de Martelaar – en Paulus. In 1840 kreeg ze haar eerdere naam terug. De heropende kerk werd verfraaid met kunstwerken die uit andere opgeheven kerken en kloosters op Murano en andere eilanden in de lagune waren weggehaald. De versieringen in de kerk kunnen dan ook bepaald niet als origineel worden beschouwd. Dit is al helemaal niet het geval bij een van de beroemdste schilderijen in de kerk, de zogenaamde Pala Barbarigo.

Interieur van de kerk

Pala Barbarigo – Giovanni Bellini.

Agostino Barbarigo diende als Doge van Venetië van 1486 tot aan zijn dood in 1501. De laatste jaren van zijn regering werden gekenmerkt door grote problemen, want in die tijd raakte Venetië de meeste van haar bezittingen in Griekenland kwijt aan de Turken. De genoemde Pala Barbarigo is een groot schilderij van Giovanni Bellini (ca. 1427-1516), geschilderd in 1488. Het stelt de Doge voor die knielt voor de Maagd met het Kind. De Doge wordt geflankeerd door de Heilige Marcus, die hem bij de Maagd introduceert. Eveneens onderdeel van de voorstelling zijn twee musicerende engelen en Sint Augustinus van Hippo, de naamgenoot van de Doge. Het schilderij werd oorspronkelijk gemaakt voor het Dogepaleis (Palazzo Ducale), maar na de dood van Barbarigo naar Murano verplaatst. Conform de wens die de overledene in zijn testament had geuit, werd het boven het hoogaltaar van de kerk van Santa Maria degli Angeli gehangen, de kerk waar twee van de dochters van de Doge als non dienden. In 1815 werd het schilderij naar de San Pietro Martire overgebracht, waar het beslist tot de hoogtepunten kan worden gerekend.

Oorspronkelijk moet er nog een tweede werk van Bellini (of diens atelier) in de San Pietro Martire hebben gehangen. Een van mijn reisgidsen beweert zelfs nog steeds dat het schilderij van de Maagd in Glorie met Heiligen zich in deze kerk bevindt. Kennelijk wordt dit soort reisgidsen nooit bijgewerkt, want het schilderij – een laat werk, mogelijk uitgevoerd kort voor de dood van de kunstenaar – werd al in de jaren 1990 weggehaald om gerestaureerd te worden. Volgens het Italiaanse Wikipedia bevindt het schilderij zich tegenwoordig in de Accademia, maar de auteur van de alwetende website Churches of Venice trof het aan in het Museo Diocesano d’Arte Sacra. Toen ik de San Pietro Martire in juli 2017 zelf bezocht, was het schilderij in geen velden of wegen te bekennen. Het lijkt er niet op dat het snel naar Murano zal terugkeren.

Doop van Christus (detail) – Tintoretto.

Gelukkig heeft de kerk nog wel een paar andere kunstwerken die onze aandacht verdienen. Het grote schilderij van de Doop van Christus in de rechter zijbeuk wordt meestal toegeschreven aan Tintoretto (1518-1594). Elders in de kerk treffen we schilderijen aan van Tintoretto’s zoon Domenico (1560-1635) en van Paolo Veronese (1528-1588). De grote schilderijen aan de muren van de Cappella Maggiore, direct achter het altaar, werden gemaakt door Bartolomeo Letterini (1669-1748). Ze stellen de Bruiloft te Kana en de Vermenigvuldiging van de broden en vissen voor. Helaas kan het binnenin de kerk nogal donker zijn, zeker op een regenachtige dag. Daardoor kan het wat lastig zijn de ware schoonheid van de kunstwerken goed te zien.

2 Comments:

  1. Pingback:Venetië: Piazza San Marco – – Corvinus –

  2. Pingback:Milaan: Sant’Eustorgio – – Corvinus –

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.