De kerk van San Teodoro is gewijd aan Sint Theodorus van Pavia, die tussen ca. 740 en 778 als bisschop van Pavia diende. De geschiedenis van de kerk gaat terug tot de achtste eeuw. Oorspronkelijk was het godshuis gewijd aan Sint Agnes van Rome, die volgens de overlevering in het jaar 304 de marteldood stierf (zie Rome: Sant’Agnese fuori le Mura). Op enig moment, nadat de overblijfselen van Sint Theodorus in de kerk waren gearriveerd, werd deze aan de lokale heilige gewijd. In de twaalfde eeuw volgde een herbouw van de kerk in Romaanse stijl. De herbouw werd gevolgd door verbouwingen begin zestiende en eind zeventiende eeuw, terwijl de kerk in 1887 en tussen 1904 en 1909 grondig gerestaureerd werd.
Het interieur van de kerk en haar crypte is tamelijk eenvoudig. Het fresco van de Drie-eenheid in de apsis is kleurrijk en probeert wellicht een verloren gegaan mozaïek te repliceren, maar het is wel tamelijk evident een modern werk. Het fresco werd tussen 1922 en 1924 gemaakt door de lokale schilder Antonio Villa (1883-1962). Op de zuilen vinden we nog wat middeleeuwse votieffresco’s, terwijl ook de kapitelen van de zuilen met fantasiefiguren de moeite waard zijn. In de rechter zijbeuk werden in 1998 delen van een mozaïekvloer teruggevonden. Deze dateert waarschijnlijk van de tijd van de herbouw van de kerk in de twaalfde eeuw. De voorstellingen zijn niet gemakkelijk te interpreteren, maar wat ik zelf gezien heb, lijkt niet per se christelijk te zijn. Zo fotografeerde ik een sater met bokkenpoten met het bijschrift SATRIO. De sater is gewapend met zwaard en schild en vecht met een monster. Ook zien we een naakt figuur met een harpoen naast een hert.
Verfoeide Fransen
De interessantste kunstwerken in de San Teodoro zijn twee frescocycli over de levens van Theodorus en Agnes, geschilderd door een onbekende meester (of meerdere meesters) rond 1514-1519. Daarnaast vinden we in de kerk twee fresco’s met een gezicht op het Pavia van de zestiende eeuw, met de nodige slagen om de arm toegeschreven aan Bernardino Lanzani (ca. 1460-1530) en geschilderd rond 1522-1525. Vanuit artistiek oogpunt zijn de fresco’s niet heel bijzonder, maar het interessante eraan is dat ze verwijzen naar en in zekere zin een commentaar zijn op zestiende-eeuwse actualiteiten. Pavia was op dat moment – en al sinds 1359 – onderdeel van het Hertogdom Milaan. Net als andere Italiaanse steden had de stad zwaar te lijden onder de Italiaanse oorlogen, die tussen 1494 en 1559 het schiereiland verscheurden. Het waren verwarrende tijden, waarin de bondgenoot van vandaag de vijand van morgen kon zijn, en omgekeerd. Tekenend is in dit verband de zogenaamde Oorlog van de Liga van Kamerijk (1508-1516). Tijdens dit conflict vocht de Paus met zijn bondgenoten, waaronder Frankrijk, tegen Venetië, om vervolgens na de Venetiaanse nederlaag samen met Venetië en andere bondgenoten in een Heilige Liga tegen Frankrijk te vechten. Nog onoverzichtelijker werd de situatie in 1513, toen Venetië de Liga verliet en zich met Frankrijk verbond. Een goede zet, want Frankrijk won de oorlog.
Toen de twaalf fresco’s over het leven van Sint Theodorus werden geschilderd, was Frankrijk duidelijk de grote boeman. De Fransen hadden tussen 1499 en 1512 over Milaan geregeerd, maar waren in het laatstgenoemde jaar uit de stad verdreven. Vanaf 1513 vocht Milaan (en daarmee Pavia) mee tegen de Fransen en Venetianen. We zien deze gebeurtenissen weerspiegeld worden in de fresco’s, waarin naast Theodorus ook de Frankische koning Karel de Grote een rol speelt. De historische werkelijkheid is dat Karel in 773 in Italië intervenieerde op verzoek van Paus Adrianus I (772-795), die in conflict was gekomen met de Longobardische koning Desiderius. Karel versloeg met zijn leger Desiderius bij Mortara en belegerde vervolgens Pavia, dat zich in 774 moest overgeven. Het Longobardische Koninkrijk Italië was hiermee ten val gebracht en Desiderius werd verbannen, waarschijnlijk naar de Abdij van Corbie in Picardië. Op de fresco’s zien we echter een heel ander verhaal. Tijdens het beleg sneuvelt een neef van Karel, die door Theodorus weer tot leven wordt gewekt. Dit wonder wordt gevolgd door een nog groter wonder: Theodorus laat de rivier de Ticino overstromen, met als gevolg dat de Franken hun kamp moeten opbreken en het beleg opgeven. Pavia is hiermee gered.
In Karel de Grote mag men gerust de toenmalige Franse koning Lodewijk XII (1498-1515) zien, en in de Franken van de achtste eeuw de Fransen van de zestiende. Het gebruiken (en misbruiken) van de geschiedenis voor politieke doeleinden was ook toen al bekend. Lodewijks opvolger Frans I (1515-1547) behaalde in september 1515 een verpletterende overwinning bij Marignano en wist opnieuw Milaan in de nemen, waarmee ook Pavia weer onder Frans gezag kwam. In 1521 raakten de Fransen Milaan weer kwijt toen de stad werd heroverd door een Spaans leger van de Habsburger Karel V. Koning Frans I zou uiteindelijk op 24 februari 1525 een zware nederlaag lijden tegen het leger van Karel, uitgerekend in de slag bij Pavia. De Franse verliezen waren afschuwelijk en de koning zelf werd gevangen genomen. De Italiaanse oorlog van 1521-1526 eindigde daarmee in een overwinning voor de Habsburgers.
Zicht op Pavia
Deze voor Pavia gunstige uitkomst was nog niet bekend toen Bernardino Lanzani in 1522 aan zijn fresco’s in de kerk van San Teodoro begon (als het inderdaad Lanzani was). Op de fresco’s is te zien hoe Pavia belegerd wordt, een verwijzing naar het beleg van de stad door de Fransen in april 1522. De aanvoerder van de verdedigers, markies Federico II Gonzaga van Mantova, had echter geluk. Slecht weer en de komst van een ontzettingsleger deden de Fransen afdruipen. Pavia was gered, en dit keer – anders dan in 774 – echt.[1] De proost van de San Teodoro, Giovanni Luchino Corti, gaf vervolgens de opdracht een votieffresco te schilderen als dank voor deze redding.
Toen het fresco in 1956 werd losgemaakt en op doek overgebracht, bleek eronder zich nog een tweede (incompleet) fresco te bevinden.[2] Op het voltooide fresco zien we op de voorgrond Sint Antonius-Abt, herkenbaar aan het zwijn en de bel aan zijn staf. Op het onvoltooide fresco is Antonius eveneens te zien, met boven hem in de lucht drie voor Pavia belangrijke heiligen: Sint Theodorus, Sint Syrus (San Siro) en Sint Augustinus. Zeker het voltooide fresco biedt een mooi beeld van Pavia in het eerste kwart van de zestiende eeuw. Bepaalde bouwwerken zijn heel duidelijk herkenbaar, zoals de Ponte Coperto op de voorgrond en het Castello Visconteo op de achtergrond. Ook veel belangrijke kerken zijn gemakkelijk terug te vinden, bijvoorbeeld San Pietro in Ciel d’Oro, San Michele Maggiore en natuurlijk San Teodoro zelf. Volgens mijn reisgids had Pavia ooit 99 torens, en afgaande op het fresco ben ik geneigd deze bewering te geloven.
Bronnen: Trotter Reisgids Noordwest-Italië (2016), p. 398-399, folder van de Amici di San Teodoro, Chiesa di San Teodoro (Pavia) – Wikipedia en LombardiaBeniCulturali
Noten
[1] De stad zou in 1527 en 1528 nog driemaal belegerd worden.
[2] Het is denkbaar dat de eerste versie van het fresco door een andere schilder gemaakt is dan de tweede.



Pingback:Pavia: San Teodoro – – Corvinus –