Florence: Orsanmichele

De Orsanmichele.

Het moet gezegd worden: de kerk van Orsanmichele ziet er helemaal niet uit als een kerk. Het gebouw is omringd door nauwe straatjes, dus wie het van een afstand wil bekijken kan het beste een hoog uitkijkpunt opzoeken. De toren van het Palazzo Vecchio, zo’n 160 meter ten zuidoosten van de Orsanmichele, is een goede plek. Toen ik op een hoogte van meer dan 80 meter stond, kon ik eindelijk goed zien hoe dit nogal eigenaardige gebouw eruitziet.

Ook de naam Orsanmichele is enigszins eigenaardig. Deze is afgeleid van het Italiaanse woord voor “moestuin” (orto) en van San Michele, oftewel de aartsengel Michael. Ooit stond er een Lombardische kerk genaamd San Michele in Orto op deze plek, maar die werd in 1239 afgebroken. Vele jaren later werd op dezelfde plek een graanbeurs gebouwd, waarvoor de architect Arnolfo di Cambio een loggia bouwde. Deze graanbeurs brandde vervolgens in 1304 af. Het huidige gebouwd werd tussen 1336 en 1347 gebouwd en gefinancierd door de machtige Arte della Seta, oftewel het gilde van de zijdehandelaren. De Arte della Seta was een van de zeven grote gilden of Arti Maggiori, waartoe ook de Arte di Calimala (gilde van de stoffenhandelaren) en de Arte della Lana (het wolgilde) behoorden. Het nieuwe gebouw was wederom een graanbeurs. De religieuze functie ervan was zeker belangrijk, maar niettemin ondergeschikt.

Sint Joris door Donatello (kopie).

In de jaren 1360 werd de graanbeurs verplaatst. Vervolgens werden in 1382 de arcades van de Orsanmichele dichtgemetseld en werd de voormalige beurs omgevormd tot een echte kerk voor de gilden. Dit proces werd in 1404 voltooid. Alle zeven grote gilden en een aantal van de minder belangrijke kleinere gilden gaven flinke sommen geld uit om het exterieur van de kerk te versieren met beelden die waren gemaakt door de belangrijkste beeldhouwers in de stad. Onder die beeldhouwers waren Nanni di Banco (ca. 1384-1421), Lorenzo Ghiberti (1378-1455) en Donatello (1386-1466). De meeste beelden waren van steen, maar enkele werden in brons gegoten, wat veel duurder was. Het is duidelijk dat de drie rijkste gilden – te weten de stoffenhandelaren, wolbewerkers en bankiers – te koop wilden lopen met hun rijkdom.

Christus en Sint Thomas door Verrocchio.

De beelden die we tegenwoordig aan de buitenkant van de kerk kunnen zien, zijn kopieën. De meeste originele beelden zijn verplaatst naar een museum op de eerste verdieping dat men gratis kan bezoeken, maar dat kennelijk alleen op maandag open is. Ik zeg niet voor niets de meeste originele beelden: Donatello’s beroemde beeld van San Giorgio (Sint Joris), gemaakt in opdracht van het gilde van de wapensmeden, bevindt zich nu in het Bargello. Het beeld van Sint Lodewijk van Tolouse (1274-1297), eveneens van Donatello, werd in de jaren 1450 verplaatst naar de kerk van Santa Croce. Het werd vervangen door een beeld van Christus en Sint Thomas van de hand van Andrea del Verrocchio (ca. 1435-1488). Dat staat nu in het museum van de Orsanmichele zelf. De reden voor deze verwisseling is simpel: de nis waar Sint Lodewijk stond was oorspronkelijk eigendom van de Parte Guelfa, geen gilde, maar de partij van de Welfen in Florence (i.e. de aanhangers van de Paus en de tegenstanders van de Ghibellijnen, die de keizer steunden). De Parte Guelfa verkocht de nis rond 1459. De nieuwe eigenaar, het Tribunale di Mercatanzia, het tribunaal dat geschillen tussen de gilden beslechtte, gaf Verrocchio de opdracht een nieuw beeld te gieten.

Het interieur van de kerk is erg merkwaardig. Het is net alsof je in een hallenkerk staat waarvan de rechter zijbeuk geamputeerd is. Aan de rechterkant van de Orsanmichele treffen we het meest waardevolle bezit van de kerk aan: een werkelijk schitterend tabernakel gebeeldhouwd door Andrea Orcagna (ca. 1310-1368) in ca. 1350. In het tabernakel staat een Madonna delle Grazie van Bernardo Daddi (ca. 1280/90-1348), geschilderd rond het jaar 1347, dus kort voor zijn dood. De linkerzijde van de kerk is minder spectaculair. Hier kunnen we een blik werpen op een Madonna met Kind en Sint Anna van Francesco da Sangallo (1494-1576) en enkele muurfresco’s.

Impressie van het interieur van de kerk.

Madonna della Grazie door Bernardo Daddi.

Het viel me op dat de Orsanmichele een nogal ongebruikelijk beleid hanteert met betrekking tot het nemen van foto’s. Op een bordje nabij de ingang stond toch duidelijk dat fotograferen en filmen verboden waren. Toch zag ik heel wat mensen gewoon foto’s maken zonder dat ze daarop aangesproken werden door de suppoosten. Ik besloot een van hen dus maar eens te vragen wat de regels waren. Zijn antwoord: “Il foto si, il flash no”.

Kennelijk betekent een (Engelstalig!) bordje waarop letterlijk staat “No Photo” in feite dus “No Flash”. Fijn dat dat opgehelderd is! En heel fijn dat ik legaal een paar foto’s mocht maken om deze bijdrage een beetje op te leuken.

Meer informatie over de beelden in de nissen buiten en in het museum vindt men hier en hier.

One Comment:

  1. Pingback: Rome: Santi Quattro Coronati – – Corvinus –

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.