Rome: De Friezenkerk

De Friezenkerk.

Sinds 1989 is de Friezenkerk de kerk van de Nederlanders in Rome. Haar officiële naam is de kerk van Santi Michele e Magno. San Michele is natuurlijk de aartsengel Michael. Deze beëindigde in 590 een grote pestepidemie in Rome. Hij verscheen toen boven op het mausoleum van Hadrianus en stak zijn zwaard in de schede, ten teken dat de pest voorbij was. Sindsdien heet het mausoleum het Castel Sant’Angelo of de Engelenburcht. Dit immense bouwwerk ligt op zo’n 600 meter van de kerk.

San Magno is Sint Magnus van Trani, een tamelijk obscure heilige uit de tweede of derde eeuw. Wat de band is geweest tussen deze Magnus en de middeleeuwse Friezen is niet helemaal duidelijk[1], maar een arm van de heilige kwam in de twaalfde eeuw terecht in Esens in Oost-Friesland in het huidige Duitsland. Daaruit blijkt wel dat het Friesland (Frisia) van de Middeleeuwen aanzienlijk groter was dan de huidige Nederlandse provincie Friesland. Friezen waren in die tijd alle bewoners langs de Noordzeekust die liep van West-Vlaanderen en Nederland door Duitsland tot aan Denemarken. ‘Fries’ was bovendien op een gegeven moment ook een synoniem voor een handelaar, zodat ook een koopman uit Engeland als Fries kon gelden. De Friezenkerk stond daarom open voor alle kooplui en zeelieden uit het noorden.[2]

De Friezenkerk, gezien vanaf de koepel van de Sint Pieter. Linksboven de Engelenburcht.

Geschiedenis

Interieur van de kerk.

Eind achtste eeuw stichtten verschillende Germaanse volkeren – Friezen, Franken, Saksen en Longobarden – rondom de Sint Pieter zogenaamde scholae voor de opvang van pelgrims uit hun eigen gebieden. Het woord schola is lastig te vertalen, maar het ging in feite om een gemeenschap met eigen gebouwen, waaronder ook een kapel of kerk. De Friezenkerk moet in die tijd zijn gebouwd als kapel bij de Schola Frisonum. Ze wordt in 854 voor het eerst genoemd in een oorkonde van Paus Leo IV (847-855). De kerk, gebouwd tegen de helling van de Janiculusheuvel, werd waarschijnlijk in 1084 zwaar beschadigd tijdens de plundering van Rome door de Normandiërs van Robert Guiscard. Hoewel dit verhaal in het verleden ook wel met betrekking tot andere Romeinse kerken is verteld en inmiddels ter discussie staat (zie Rome: San Clemente), is er voor wat betreft de Friezenkerk nog geen reden tot twijfel: de Friezen waren trouwe aanhangers van Keizer Hendrik IV, terwijl de Normandiërs juist naar Rome gekomen waren om Paus Gregorius VII (1073-1085) te redden. Anders gezegd, de Friezen waren een legitiem doelwit voor Robert Guiscard en zijn manschappen.

In de twaalfde eeuw werd Friezenkerk volledig herbouwd. Op 30 januari 1141 werd de nieuwe kerk gewijd door Paus Innocentius II (1130-1143). De klokkentoren naast de kerk werd kort daarna voltooid. Aan de Schola Frisonum kwam formeel een einde in 1446 toen deze werd ontbonden door Paus Eugenius IV (1431-1447). De architect Carlo Murena (1713-1764) leidde tussen 1755 en 1759 een grote restauratie die de kerk haar huidige uiterlijk heeft verschaft. Omstreeks deze tijd moet de kerk ook van een nieuw orgel zijn voorzien. Dit wordt thans toegeschreven aan Johannes Conradus Wörle (1701-1777), en niet langer aan diens leerling Ignatius Priori (1748-1803). We vinden het orgel achter in de kerk, op een balkon waaraan de Nederlandse en de Friese vlag gebroederlijk naast elkaar hangen. De Nederlandse bezoeker – katholiek of niet – voelt zich hier direct thuis, zeker als deze ook nog eens Friese roots heeft.

Balkon met Nederlandse en Friese vlag.

Bezienswaardigheden

Grafmonument voor Anton Raphael Mengs.

De Friezenkerk is geen kerk met grote kunstwerken. Het altaarstuk met daarop de aartsengel Michael en de heilige Magnus werd geschilderd door Niccolò Ricciolini (ca. 1687-1772), een kunstenaar die weinig bekendheid geniet. In de linker zijbeuk vinden we verder het grafmonument voor de Duitse schilder Anton Raphael Mengs (1728-1779) en vrouw. Het monument is een werk van Vincenzo Pacetti (1746-1820). Zeer interessant is de grafsteen van de Fries Hebe, die in de binnenmuur nabij de ingang gevonden kan worden. Een afbeelding vindt u hier. Meestal wordt aangenomen dat de inscriptie op het graf – waarvan u hier de volledige tekst vindt – uit 1004 dateert. Die tekst verwijst namelijk naar het tweede jaar van het pontificaat van Paus Johannes XVIII (1003-1009). De website van de Friezenkerk citeert echter een hooggeleerde die meent dat Hebe stierf tijdens het tweede jaar van het pontificaat van Paus Johannes IX (898-900), dus in 899. De inscriptie zou dan dus ruim 100 jaar ouder zijn.

Ten slotte heeft de Friezenkerk een eigen Heilige Trap, een Scala Santa (of Sancta in het Latijn), die op de knieën beklommen kan worden. Het gaat om een replica van de Scala Santa die uit het paleis van Pontius Pilatus in Jeruzalem zou komen en die thans naast het Lateraans paleis te vinden is (zie Rome: Triclinium Leoninum). De trap komt uit op de Borgo Santo Spirito, de straat die parallel aan de Via della Conciliazione van de Sint Pieter naar de Tiber loopt.

Bronnen

Noten

[1] Waarschijnlijk vonden Friezen in het leger van Karel de Grote de overblijfselen van de heilige in het stadje Fondi in Lazio.

[2] Luit van der Tuuk, De Friezen, p. 175.

One Comment:

  1. Pingback:Rome: Santa Maria dell’Anima – – Corvinus –

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.