De slag bij Gibraltar in de koffiekamer van de Eerste Kamer

De slag bij Gibraltar – Geeret op Gielder.

Sinds 1971 hangt in de koffiekamer van de Eerste Kamer een enorm schilderij dat de zeeslag bij Gibraltar voorstelt. Deze slag werd op 25 april 1607 uitgevochten tussen een Nederlandse en een Spaanse vloot en resulteerde in een grote overwinning voor de jonge Republiek der Verenigde Nederlanden. De Spaanse vloot werd nagenoeg vernietigd en de Spaanse verliezen beliepen in de duizenden mensenlevens. Een flinke tegenvaller voor de Republiek was echter dat ook de Nederlandse opperbevelhebber was gesneuveld, admiraal Jacob van Heemskerck. Ondanks deze smet was er genoeg reden voor feest. De overwinning in de slag bij Gibraltar droeg bij aan de totstandkoming van het Twaalfjarig Bestand in 1609 en de slag werd vele malen vereeuwigd door Nederlandse schilders, onder wie Hendrik Cornelisz. Vroom (1566-1640), Cornelis Claesz. van Wieringen (1577-1633), Abraham de Verwer (1585-1650) en Adam Willaerts (1577-1664). Dit zijn allemaal tamelijk bekende namen, zeker de eerste twee. De schilder van het doek in de koffiekamer van de Senaat is daarentegen juist een grote onbekende. Zijn naam was Geeret op Gielder, wat zoiets als ‘Gerrit uit Gelderland’ zal hebben betekend.

De slag bij Gibraltar

Jacob van Heemskerck had de Spaanse vloot aanvankelijk gezocht bij Lissabon en Cadiz, maar haar daar niet aangetroffen. Van een Frans schip kreeg hij de tip dat de gezochte vloot zich in ondiep water in de Baai van Gibraltar bevond. Kennelijk waanden de Spaanse schepen zich daar veilig onder de dekking van enkele kustbatterijen. Het plan dat de Nederlandse admiraal samen met zijn krijgsraad opstelde, was tamelijk eenvoudig maar niettemin zeer gewaagd. De Nederlandse schepen zouden de baai binnenvaren en steeds met z’n tweeën een Spaans schip ‘aenklampen’, dat wil zeggen enteren en vervolgens in brand steken. De hoofdprijzen waren de grote galjoenen van de Spaanse admiraal Juan Álvarez de Ávila en diens viceadmiraal, respectievelijk de Sint Augustijn en de Nostra Señora de la Vega. Met zijn vlaggenschip de Aeolus voer Van Heemskerck rond drie uur in de middag op de Sint Augustijn af. Al bij het tweede schot van de Spanjaarden werd hij dodelijk getroffen. Kapitein Pieter Willemsz. Verhoeff nam het commando op de Aeolus over en de Nederlandse schepen vochten door. Tegen de avond waren vele Spaanse schepen vernietigd en zo’n 4.000 bemanningsleden gesneuveld. Ook admiraal Álvarez de Ávila vond de dood.

De slag bij Gibraltar.

Geeret op Gielder schilderde de gebeurtenissen bij Gibraltar op een doek van 167,5 bij 287 centimeter. Het schilderij is notoir moeilijk te fotograferen vanwege het reflecterende vernis en de slechte belichting in de koffiekamer. Niettemin is het mij denk ik gelukt wat aardige foto’s te maken die een goed beeld geven van de belangrijkste momenten van de zeeslag. In de presentatie hierboven en hieronder ziet u eerst het schilderij in z’n geheel, daarna in witte kaders en met witte pijlen de belangrijkste Nederlandse schepen en ten slotte in rode kaders en met rode pijlen het schip van de Spaanse admiraal, het schip van diens viceadmiraal en enkele andere aardige details op het doek. Lang niet alle geschilderde schepen zijn te identificeren. Dat we op verschillende schepen wel een naam kunnen plakken, hebben we aan de annalist Emanuel van Meteren (1535-1612) te danken. Hij liet ons een beschrijving van de zeeslag na en noemde daarbij van bijna de helft van de Nederlandse schepen de naam.[1] Veel schepen waren naar dieren vernoemd. De traditie om schepen naar zeehelden te vernoemen bestond natuurlijk nog niet: Jacob van Heemskerck zou zelf de eerste echte zeeheld worden.

This slideshow requires JavaScript.

Het schilderij van Op Gielder richt zich vooral op de strijd rondom de Nostra Señora de la Vega, het schip van de viceadmiraal (rood 3). De Nostra Señora is omsingeld door Nederlandse schepen en zinkende. Uiterst links zien we de Eenhoorn (wit 1), met daarnaast mogelijk de Gouden Leeuw (wit 2). Achter dit schip ligt nog een derde Nederlands schip met een afbeelding van Fortuna op de spiegel (wit 3). De naam van het schip is niet bekend. Boven het zinkende Spaanse schip is nog een vierde Nederlands schip geschilderd, mogelijk het Luipaard (wit 5). Verder naar rechts vuren drie Nederlandse schepen (wit 4, 6 en 7) op het Spaanse fort op het vasteland (rood 4). Het eerste van deze schepen is dankzij de afbeelding op de spiegel duidelijk herkenbaar als de Rode Leeuw (wit 4). Dit was het schip van de Zeeuwse viceadmiraal Laurens Jacobsz. Alteras (gesneuveld in 1622, ironisch genoeg bij Gibraltar). Dat het om een Zeeuws schip gaat is evident: de Zeeuwse vlag wappert fier in de grootmast. De twee kleinere schepen die aan de aanval meedoen, zijn de Witte Beer (wit 6) en een schip met een afbeelding van een monnik op de spiegel (wit 7). De naam van het schip is niet overgeleverd, maar het is niet ondenkbaar dat het een schip uit Monnickendam betreft. Het voert in elk geval de Hollandse vlag in top.

Fort met Spaanse vlag.

Boven het fort vuurt een klein Nederlands schip (wit 8) op een Spaans galjoen, dat het vuur zwakjes beantwoordt. Het schip heeft een afbeelding van een zwaan op de spiegel, maar de naam is niet bekend. Iets rechts van het midden van het doek vindt de confrontatie plaats tussen de Aeolus (wit 9) en de Sint Augustijn (rood 2). De schepen liggen tegen elkaar aan, en de Aeolus heeft een groot gat in het voorste zeil. Bovendien is er aan boord een ontploffing te zien, dus het is goed mogelijk dat hier van veraf het sneuvelen van Jacob van Heemskerck is afgebeeld. Achter de Sint Augustijn vaart nog een Nederlands schip dat het admiraalsschip te hulp komt. Zeer waarschijnlijk gaat het om de Tijger of de Griffioen. Emanuel van Meteren noemt in zijn beschrijving nog enkele andere namen van schepen, te weten de Zwarte Beer, de Gouden Ster, de Zeehond en de Friese Pinas. Die zijn dus ongetwijfeld ook afgebeeld, helaas zonder dat ze goed te identificeren zijn. Zeker niet afgebeeld is het schip dat Van Meteren de Bare noemt en dat waarschijnlijk hetzelfde schip is als de Olifantstromp. Dit was het schip van kapitein Harpert Tromp. Het was buiten de baai gebleven om daar een oogje in het zeil te houden en eventuele vluchtende Spaanse schepen te onderscheppen. Aan boord was de zoon van de kapitein, de net negen jaar geworden Maarten Tromp (1598-1653).

De slag bij Gibraltar is een mooi zoekplaatje, maar Geeret op Gielder was zeker geen groot schilder. Het perspectief en de verhoudingen op zijn schilderij zijn nogal klungelig. Het grote fort dat op de Nederlandse schepen vuurt (rood 4) is werkelijk gigantisch vergeleken bij de kleine mannetjes die op de borstwering staan. De Spaanse vlag die op het fort wappert, is bijkans kleiner dan de schelpen op het strand (rood 6). Aardig is dan weer wel dat ook het dak van het fort op een schelp lijkt. De slanke toren aan de andere zijde van de baai (rood 1) lijkt meer in verhouding te zijn. Een grappig detail zijn nog de vijf mannen op een steiger achter de Spaanse schepen (rood 5). Wie zijn ze en wat komen ze doen? Voor deelname aan de slag zijn ze in elk geval te laat. Op de muur staan nog enkele kanonnen (rood 7), maar ze zijn onbemand. Het is duidelijk dat niemand de Nederlandse aanval had voorzien.

De schilder en zijn werk

Op de spiegel van de Rode Leeuw: 1620 Geeret op Gielder.

De reden dat we weten dat Geeret op Gielder de schilder van deze slag bij Gibraltar is, is dat hij zijn werk heeft gesigneerd. Hij heeft namelijk zijn naam en het jaartal 1620 op de spiegel van het reeds genoemde schip de Rode Leeuw geschilderd (afbeelding rechts). Van Geeret op Gielder is maar één werk bekend en dat is dit schilderij. Het is dan ook moeilijk om een biografie van de man te geven. We weten dat hij zijn opleiding genoot bij de weinig bekende schilder Hans Rem (ca. 1566-1620), die oorspronkelijk uit Antwerpen kwam, maar sinds 1594 in Amsterdam woonde en werkte. Rem was ook prentenhandelaar en het is mogelijk dat hij over prenten beschikte waarop de slag bij Gibraltar was afgebeeld. Die vormden vervolgens misschien de inspiratie voor het schilderij dat zijn leerling Geeret in 1620 maakte. Een andere mogelijkheid is dat Geeret het reliëf van de slag van de beeldhouwer Hendrick de Keyser had gezien, door deze gemaakt als onderdeel van het grafmonument van Jacob van Heemskerck in de Oude Kerk te Amsterdam. Ten slotte weten we dankzij een notariële akte dat Geeret op Gielder in 1620 in Bremen woonde. Werk van hem is daar echter niet bekend.

Ook bij het bepalen van de provenance van het schilderij stuiten we op grote gaten in onze kennis. Het schilderij werd dus in 1620 gemaakt, maar onduidelijk is in wiens opdracht. Omdat het doek lang in Deventer heeft gehangen, is wel verondersteld dat de opdrachtgever jonker Balthasar Boedeker (1540-1617) was. Samen met zijn moeder Anna van Twickelo was hij verantwoordelijk voor de oprichting van een hogeschool in Deventer, het in 1878 opgeheven Athenaeum Illustre. Men zou wellicht denken dat Boedeker een geleerde was, maar niets is minder waar. Tot zeker 1584 was hij louter actief als krijgsman en vocht hij mee in vele oorlogen. Zo streed hij tegen de Turken in de zeeslag bij Lepanto van 1571 en was hij betrokken bij de zogenaamde Keulse oorlog in 1583. Op een bewaard gebleven portret is de jonker in volle wapenrusting en met lans in de hand te zien. Boedeker had de Afrikaanse kusten bezocht en moet de baai van Gibraltar hebben gekend. Hij had een grote zeeslag meegemaakt en kende mogelijk zelfs de Spaanse admiraal Álvarez de Ávila, die eveneens bij Lepanto had gestreden en in de slag bij Gibraltar sneuvelde. Toch is er een eenvoudige reden waarom het onaannemelijk is dat Boedeker de opdracht voor het schilderij van Geeret op Gielder gaf: hij stierf in 1617 en het doek werd in 1620 geschilderd.

Zicht op Deventer.

Het schilderij is tot 1970 eigendom geweest van het Grote en Voorster Gasthuis in Deventer. Daar duikt het pas in 1880 in de notulen op, zodat we met een grote lacune tussen 1620 en 1880 blijven zitten. In notulen uit 1915 wordt vermeld dat het doek op een onbekend eerder moment in bruikleen was gegeven aan de Waag in Deventer. Daar hing het in 1932 nog steeds. In 1944 en 1945 werd Deventer zwaar gebombardeerd door de geallieerden. Daarbij zal het schilderij beschadigd zijn geraakt, want in 1952 werd het gerestaureerd vanwege opgelopen ‘oorlogsschade’. In 1970 werd het doek vervolgens overgedragen aan de Dienst voor ‘s Rijks Verspreide Kunstvoorwerpen (DRVK), een voorloper van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Een jaar later werd de slag bij Gibraltar naar de koffiekamer van de Eerste Kamer getransporteerd. Daar was net een muur vrijgekomen omdat de Eerste Kamer een schilderij met een allegorische voorstelling van de triomftocht van de Prins van Oranje na de slag bij Waterloo terug moest geven aan het Rijksmuseum.

In 1998-1999 werd het schilderij gerestaureerd. Blijkens een publicatie van kunsthistorica Marion Bolten die toen verscheen, is de waarde van het doek door de jaren heen flink omhooggegaan. In het voorwoord van deze publicatie schreef de toenmalige Griffier van de Eerste Kamer Chris Baljé namelijk dat een schilderij dat ooit ‘zonder geldelijke waarde’ werd geacht in 1970 op 15.000 gulden werd getaxeerd en eind jaren 90 zelfs op 1,1 miljoen gulden (bijna 500.000 euro). Geeret op Gielder zal daarmee bijzonder in zijn nopjes zijn geweest.

De belangrijkste bron voor deze bijdrage is ‘Marion Bolten, De Slag bij Gibraltar. Een zeventiende-eeuws schilderij ‘zonder geldelijke waarde’ in het gebouw van de Eerste Kamer’. Aanvullende informatie over Jacob van Heemskerck en de slag bij Gibraltar kwam uit Ronald Prud’homme van Reine, Zeehelden, p. 47-50.

Dit is deel 1 in de serie over de Eerste Kamer vóór de renovatie van het Binnenhof.

Noot

[1] In deze bijdrage zijn de namen van de schepen in modern Nederlands weergegeven.

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.