Rome: Santa Costanza

De Santa Costanza.

De Santa Costanza is echt een juweeltje. Ze staat aan de Via Nomentana, op slechts een steenworp afstand van de Sant’Agnese fuori le Mura, en wordt niet veel bezocht door toeristen. Sterker nog, toen ik de kerk in januari 2017 bezocht, was ik de enige bezoeker. Het gebouw diende oorspronkelijk als mausoleum voor Constantina en Helena, dochters van de Romeinse keizer Constantijn de Grote (306-337). Pas heel veel later werd het omgebouwd tot een kerk. De Santa Costanza geniet bekendheid vanwege haar kleurrijke geschiedenis en mooie verzameling mozaïeken uit de Late Oudheid.

Vroege geschiedenis

Constantijn de Grote had een uitgebreide en zeer complexe familie. Zelf was hij een kind uit het eerste huwelijk van zijn vader Constantius Chlorus met Helena, de toekomstige Sint Helena (zie Rome: Santa Croce in Gerusalemme). Chlorus scheidde later van haar en trouwde daarop met Theodora, met wie hij zes kinderen kreeg. Het eerste kind uit dit huwelijk was een jongen genaamd Dalmatius, die dus een halfbroer van Constantijn was. Dalmatius kreeg weer een zoon genaamd Hannibalianus, een neef van Constantijn dus, en die zou trouwen met Constantijns dochter Constantina, een kind uit zijn tweede huwelijk met Fausta.[1] Toen Constantijn in 337 stierf, vond er een grote zuivering plaats binnen de keizerlijke familie waarbij Hannibalianus werd vermoord. Constantina hertrouwde vervolgens met Gallus. Deze was wederom een bloedverwant, want hij was ook een neef van Constantijn. Om precies te zijn, hij was de zoon van Julius Constantius, halfbroer van de overleden keizer (en een volle broer van Dalmatius). Kort samengevat: Constantina trouwde tweemaal met een neef van haar.

Interieur van de kerk.

De Santa Costanza was oorspronkelijk onderdeel van een grote gravenbasiliek die werd opgericht naast de graftombe van de martelares Sint Agnes. Men kon de ruimte betreden door de basilica binnen te gaan en dan meteen linksaf te slaan. Archeologisch onderzoek heeft uitgewezen dat er eerst een ouder gebouw op deze plek stond. Dit gebouw was verbonden met de basilica en werd ook tegelijk met de basilica gebouwd. Waarschijnlijk was dit het oorspronkelijke mausoleum van Constantina, die in 354 stierf. Om de een of andere reden werd het oorspronkelijke gebouw, dat bestond uit een centrale ruimte met drie apsissen, later afgebroken en vervangen door het huidige gebouw. Er is een theorie dat dit gebeurde om een prachtig mausoleum te maken voor Constantijns andere dochter Helena, die in 360 stierf. Zij was getrouwd met haar neef Julianus, die toevallig ook nog eens de tweede zoon was van Julius Constantius (en dus een broer van Gallus, de tweede echtgenoot van Constantina; ik zei al dat de familie ingewikkeld was…). We kennen deze Julianus beter als Julianus de Apostaat. Hij was enig keizer van het Romeinse Rijk tussen 361 en 363 en had daarvoor al gediend als Caesar en Augustus.

We mogen dus aannemen dat de Santa Costanza aanvankelijk een mausoleum voor Helena en Constantina was, waarbij de laatstgenoemde al in de voorganger van het mausoleum haar laatste rustplaats had gekregen. Dit verklaart echter nog niet de naam ‘Santa Costanza’. Costanza is Constantia in het Latijn, maar dat was de naam van Constantijns halfzuster (de vrouw die trouwde met zijn voornaamste rivaal Licinius). Het is duidelijk dat dochter en halfzuster door elkaar gehaald werden en iedereen zal snappen hoe dat komt. Een tweede probleem is dat geen van beide vrouwen ooit heilig is verklaard, dus strikt genomen komt er helemaal geen Santa Costanza voor in de lijst met heiligen die door de Rooms-Katholieke Kerk erkend worden. Erger nog, als we Ammianus Marcellinus moeten geloven, was de historische Constantina een vreselijk rotwijf, een bloeddorstige feeks die een slechte invloed had op haar echtgenoot Gallus. Zelfs als deze kwalificaties allemaal onterecht zijn, is er nog steeds geen reden haar als een heilige te vereren.

Latere geschiedenis

Sarcofaag van Constantina of Helena.

Het mausoleum werd pas tijdens het pontificaat van Paus Alexander IV (1254-1261) tot een kerk omgevormd. De twee sarcofagen in het mausoleum, een grotere en een kleinere, werden op een later moment naar andere locaties overgebracht. Aanvankelijk werd verondersteld dat de grootste van de twee de overblijfselen van Constantina bevatte, maar mogelijk is zij juist in de kleinere sarcofaag bijgezet. Deze heeft de vorm van een badkuip. De grotere sarcofaag is dan dus de laatste rustplaats van Helena. Hoe dit ook zij, deze grote sarcofaag werd door Paus Paulus II (1464-1471) verplaatst naar het plein voor de kerk van San Marco in de buurt van het Capitool. In 1790 werd de kist opnieuw verplaatst, ditmaal nar de Vaticaanse Musea, waar het voorwerp nog steeds staat. In de Santa Costanza staat tegenwoordig een gipsen kopie en die ziet er tamelijk overtuigend uit.

De kleinere sarcofaag werd in 1606 in het linker dwarsschip van de Sint Pieter neergezet. Als de grotere sarcofaag inderdaad die van Helena is, dan heeft Paus Alexander háár resten onder het centrale altaar laten bijzetten. Dat is om meerdere redenen ironisch: niet alleen is Helena nooit heilig verklaard (haar grootmoeder wel), de kerk is ook helemaal niet naar haar vernoemd en om het allemaal nog erger te maken was ze ook nog eens de vrouw van een keizer die berucht was vanwege zijn antichristelijke beleid!

Plafond van de Santa Costanza.

Van de zestiende tot en met de achttiende eeuw was de kerk een populaire ontmoetingsplaats voor een groep Nederlandse en Vlaamse kunstenaars die zich de Bentvogels of Bentveugels noemden. Zij noemden de Santa Costanza de “Tempel van Bacchus” en verkeerden in de veronderstelling dat deze Griekse wijngod in de grotere sarcofaag was begraven (waarschijnlijk vanwege de motieven op de kist en de mozaïeken in het mausoleum waarop de druivenoogst te zien is). Om Bacchus te eren hielden de Bentvogels hier drinkgelagen en inwijdingsrituelen die dag en nacht konden duren. Verschillende pausen waren niet erg gelukkig met deze orgieën en dat had ongetwijfeld te maken met het heidense karakter ervan (de kunstenaars brachten plengoffers aan Bacchus, wat natuurlijk zeer onchristelijk was). Uiteindelijk maakte Paus Clemens XI (1700-1721) in 1720 een einde aan de activiteiten van de Bentvogels.

De Santa Costanza nader bekeken

Mozaïek van de jonge Christus.

De Santa Costanza is een rond gebouw met een centraal grondplan, eigenlijk een ring binnen een ring. Rondom de centrale ruimte van de kerk loopt een wandelgang. De centrale ruimte heeft een koepel die zo’n 19 meter hoog is. De kerk lijkt wel wat op de Santo Stefano Rotondo op de Caelius, maar ze is veel kleiner. De Santa Costanza is ook nooit een parochiekerk geweest en tegenwoordig wordt ze vooral gebruikt als trouwlocatie. Toen ik de kerk bezocht, waren er geen andere bezoekers, maar de aanwezigheid van kussens waarop bruid en bruidegom kunnen knielen wekte de indruk dat er voor later die dag een bruiloft gepland stond. Misschien zijn die kussens wel een permanent onderdeel van de Santa Costanza. Het lijkt er in elk geval niet op dat hier ooit de mis wordt opgedragen.

Toen het gebouw nog een mausoleum was, moet het geheel bedekt zijn geweest met mozaïeken en marmerversieringen. Helaas is al het marmer in latere eeuwen geroofd en zijn ook de meeste mozaïeken verdwenen. De Portugese kunstenaar Francisco de Holanda (1517-1585) was tussen 1538 en 1540 in Rome en bezocht toen ook de Santa Costanza. Hij maakte er tekeningen van de binnenkant van de koepel waaruit blijkt dat de mozaïeken toen al in een deplorabele staat verkeerden. Grote stukken ervan waren al naar beneden gevallen. Tijdens interventies in 1620 werden de koepelmozaïeken helemaal verwijderd en in de achttiende eeuw werden ze vervangen door een zeer middelmatig fresco dat een eeuw later gerestaureerd moest worden. Als we kijken naar de tekeningen van De Holanda, dan kunnen we niet anders dan treuren over het feit dat de oorspronkelijke mozaïeken nooit goed onderhouden zijn. Met hun voorstellingen uit het Oude en het Nieuwe Testament moeten ze vrij spectaculair zijn geweest (zie hier en hier).

Gelukkig is een aantal van de mozaïekversieringen in de kerk zelf wel bewaard gebleven. Deze mozaïeken kunnen we vinden aan het plafond en in twee van de elf nissen in de wandelgang. De plafondmozaïeken werden in de vierde eeuw gemaakt, zo rond het jaar 360. Geen ervan heeft openlijk christelijke thema’s. We zien geometrische patronen, maar ook vogels (inclusief pauwen), de druivenoogst en wijnpersen. Deze thema’s moeten zowel voor christenen als voor heidenen aanvaardbaar zijn geweest.

This slideshow requires JavaScript.

De twee mozaïeken in de nissen werden later gemaakt, wellicht tussen de vijfde en de zevende eeuw. Een ervan toont een jonge, blonde Christus met een blauwe halo, geflankeerd door Paulus en Petrus. Petrus houdt een boekrol vast met de woorden DOMINVS PACEM DAT, “de Heer geeft vrede”. Tevens staat er een chi-rho symbool op de boekrol. Bij de voeten van Christus zien we vier schapen. Op het andere mozaïek is een oudere Christus afgebeeld die op een globe zit. Wederom heeft hij een blauwe halo en zijn gezichtsbeharing is enigszins ongebruikelijk: hij heeft een baard, maar geen snor. Links zien we Petrus, die de Sleutels van de Hemel overhandigd krijgt.

Bronnen

  • Capitool Reisgidsen Rome, 2009, p. 264;
  • Henk Singor, Constantijn, p. 283-284;
  • Luc Verhuyck, SPQR. Anekdotische reisgids voor Rome, p. 244-245;
  • Santa Costanza op Churches of Rome Wiki.

Noot

[1] Dochter van de keizer Maximianus (286-305), zuster van Constantijns rivaal Maxentius en tevens zuster (of halfzuster) van Theodora, de tweede vrouw van zijn eigen vader.

One Comment:

  1. Pingback: Rome: Catacombe dei Santi Marcellino e Pietro – – Corvinus –

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.