Brescia: San Pietro in Oliveto

De San Pietro in Oliveto.

Vanaf de kerk van het Allerheiligste Lichaam van Christus volgden we het pad omhoog langs de helling van de Colle Cidneo. Na minder dan 300 meter bereikten we de volgende kerk die op ons programma stond, die van San Pietro in Oliveto, oftewel de Heilige Petrus in de Olijfgaard. Het werd ons al snel duidelijk dat toeristen die op zoek zijn naar belangrijke kunstwerken deze kerk kunnen overslaan. Ooit bezat ze werken van de grote Bresciaanse schilder Il Moretto (ca. 1498-1554/1564) en een veelluik van Antonio Vivarini (gestorven omstreeks 1480), maar al deze kunst is reeds lang geleden naar musea verdwenen. De kerk en de aangrenzende kloostergangen stralen nu vooral soberheid uit. Kerk en klooster staan echter wel op een prachtige en bijzonder rustige plek op de heuvel. Vanaf de zuidkant van het complex heeft men een prachtig uitzicht over Brescia, waarbij gebouwen als de reeds genoemde Santissimo Corpo di Cristo, de kerk van Sant’Afra en de Duomo Nuovo uitstekend te zien zijn.

De eerste kerk op deze plek werd mogelijk al in de achtste eeuw gesticht, toen Brescia nog onder het gezag van de Longobarden viel. Begin twaalfde eeuw werd deze kleine kerk uitgebreid en opgenomen in een groter gebouw in Romaanse stijl. De nieuwe kerk werd in 1148 ingewijd door Paus Eugenius III (1145-1153). In de vijftiende eeuw werd de San Pietro in Oliveto het slachtoffer van zowel haar strategische ligging als de politieke situatie in Italië. Brescia viel sinds 1337 onder het gezag van de Visconti’s van Milaan, maar ging in 1404 over op de condottiero Pandolfo III Malatesta. In 1426 kwam de stad in handen van de Republiek Venetië, die voortdurend met Milaan streed om de macht in Noord-Italië. In 1438 belegerde de condottiero in Milanese dienst Niccolò Piccinino Brescia. De San Pietro in Oliveto stond dicht bij de oostelijke stadsmuren en lag daarmee rechtstreeks in de vuurlinie. Hoewel het beleg uiteindelijk op niets uitliep, kwamen de kerk en het naastgelegen klooster zwaar beschadigd uit de strijd. En misschien nog wel belangrijker: de olijfgaard waaraan de kerk haar naam verleende, was verdwenen. Alle bomen waren omgehakt omdat er tijdens het beleg een tekort aan timmerhout was.

Interieur van de kerk.

Nadat de rest van de vijftiende eeuw vooral in het teken van herstel van de schade had gestaan, werd begin zestiende eeuw serieus werk gemaakt van een verbouwing in Renaissancestijl. De verantwoordelijk architect was Antonio Medaglia. Het meest zichtbare resultaat van zijn interventie is de gevel van het gebouw, met als voornaamste decoraties een reliëf van God de Vader en beelden van de Petrus (met de sleutel) en Paulus (met het zwaard). De aanwezigheid van de laatstgenoemde is een stille hint dat de kerk, hoewel steevast de San Pietro genoemd, aan zowel Petrus als Paulus is gewijd.

De geschiedenis van de kerk vanaf de latere zeventiende eeuw is niet bepaald een vrolijk verhaal. Hoewel er ook perioden van relatieve rust waren, kunnen er toch genoeg tragische gebeurtenissen worden genoemd, variërend van een al te fanatieke kloosteroverste die het interieur sterk versoberde tot de inkwartiering van Franse soldaten in de tijd van Napoleon en van Italiaanse Bersaglieri tijdens de Eerste Wereldoorlog. Gelukkig kwam het complex de Tweede Wereldoorlog ongeschonden door en konden in de jaren zestig de beide kloostergangen grondig gerestaureerd worden.

Klooster met Dorische zuilen.

Als we over de drempel van de ingang stappen, komen we binnen in een kerk met een eenvoudig interieur in Renaissancestijl. Van de kunstwerken aan de muren vond ik eigenlijk alleen de Beklimming van de Calvarieberg van Paolo da Caylina de Jongere (ca. 1485-1545) echt de moeite waard. Een foto van dit schilderij vind u hier. Paolo da Caylina de Jongere was een zoon of – waarschijnlijker – een neef van de Paolo da Caylina de Oudere, van wie we eerder werk in Brescia hebben gezien (hier en hier).

Ten zuiden van de kerk liggen twee kloostergangen waar een aangenaam rustige sfeer heerst. Het kloostercomplex wordt beheerd en bewoond door Ongeschoeide Karmelieten. De grootste van de twee kloostergangen, die u via het rechter dwarsschip bereikt, heeft een colonnade van Dorische zuilen en een waterput. De kleinere kloostergang heeft geen Dorische, maar Ionische zuilen. Via deze kloostergang komt men op een grote binnenplaats, vanwaar men een panoramisch uitzicht over de stad heeft. Het is heerlijk om hier een paar minuten stil te staan en de skyline van Brescia te bewonderen.

Bronnen

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.