De vergaderzaal van de Eerste Kamer (deel 3)

Kinderen van Staat.

In de eerste twee delen van mijn bijdrage over de plenaire zaal van de Eerste Kamer heb ik vooral uitgebreid stilgestaan bij het schitterend beschilderde houten plafond in deze voormalige vergaderzaal van de Staten van Holland en West-Friesland. Eén onderdeel van de plafondschilderingen is daarbij nog niet aan de orde gekomen, te weten de centrale voorstelling met de ‘Kinderen van Staat’. In dit derde deel zal ik op deze voorstelling ingaan. Daarnaast bespreek ik kort de overige interessante decoraties in de zaal.

Kinderen van Staat

Zowel de vergaderzaal zelf als een groot deel van de decoraties werden ontworpen door de architect Pieter Post (1608-1669). Post liet de schilders Andries de Haen (gestorven 1677) en Nicolaes Wielingh (ook wel Willingh; 1640-1678) in het midden van het plafond een doorkijkje schilderen waarop we zes kinderen zien. Van de meeste zien we niet veel meer dan een hoofd, maar een brutaal jongetje heeft zijn in een rode kous gehulde been over de rand van het gat gestoken. De gedachte achter de voorstelling lijkt tweeledig te zijn. Enerzijds wordt de ‘Edel Groot Mogende Heren’, dat wil zeggen de leden van de Staten van Holland en West-Friesland, voorgehouden dat zij ook de belangen van de toekomstige generaties hebben te dienen. Anderzijds wordt, zeker met het jongetje dat de vergaderzaal lijkt te willen betreden, aangegeven dat de Kinderen van Staat klaarstaan om hun plek in het bestuur van het gewest in te nemen.

Brutaal kind.

Het plafond van de vergaderzaal werd tussen 1663 en 1665 beschilderd. Dit was tijdens het zogenaamde Eerste Stadhouderloze Tijdperk, dat in 1650 begon met de dood van stadhouder Willem II en in 1672 eindigde met de aanstelling van zijn zoon Willem III als stadhouder. De laatstgenoemde was op 14 november 1650 geboren, acht dagen na het overlijden van zijn vader. Zijn moeder was de Engelse prinses Mary Stuart (1631-1660), dochter van de afgezette en onthoofde koning Karel I. Toen zij in 1660 terugging naar haar geboorteland, droeg ze de educatie van haar zoontje op aan de Staten van Holland en West-Friesland. De Staten stelden hiervoor een speciale commissie in, waarin onder meer Johan de Witt (1625-1672) en Willems daadkrachtige grootmoeder Amalia van Solms (1602-1675) plaatsnamen. In april 1666 besloten de Staten om Willem aan de invloed van zijn grootmoeder te onttrekken en hem als Kind van Staat aan te nemen. Hiervoor werd een tweede speciale commissie ingesteld.

Volgens een interessante theorie is Willem III tussen de overige Kinderen van Staat afgebeeld. Pieter Post zou, als hofarchitect van de Oranjes, een plaagstootje aan zijn burgerlijke opdrachtgevers van de Staten hebben willen uitdelen.[1] Willem III zou dan het nogal donker geschilderde kind met de hoed zijn. Het is moeilijk te zeggen of de theorie enig hout snijdt. Vergelijking van deze schildering met jeugdportretten van Willem (zoals deze, deze en deze) levert niet veel op, al was het maar omdat van het jongetje met de hoed maar de helft van het gezicht zichtbaar is. Wat tegen de theorie pleit, is dat de plafondschilderingen tussen 1663 en 1665 werden gemaakt en Willem pas in 1666 tot Kind van Staat werd benoemd. Ongetwijfeld had Pieter Post de schilderingen al veel eerder ontworpen. Wat mij betreft geldt de theorie als onbewezen. Overigens had Willem zeker een band met de vergaderzaal. Toen hij in februari 1672 tot kapitein-generaal van het leger voor één veldtocht werd benoemd, moest dat natuurlijk gevierd worden. De Staten stelden hem hun zaal ter beschikking, zodat hij op 1 maart 1672 tot in de kleine uurtjes door kon feesten.

De schoorsteenstukken

De Staten vergaderden tussen twee schoorsteenstukken die een Allegorie op de Oorlog (1664) en een Allegorie op de Vrede (1664 of 1669) voorstellen.[2] De in Leiden geboren Jan Lievens (1607-1674) was verantwoordelijk voor ‘Oorlog’. Hij schilderde een angstaanjagend portret van de Romeinse oorlogsgod Mars in volle wapenrusting (foto in deel 1). Mars heeft een maniakale blik in de ogen. Hij draagt een bepluimde helm, een rond schild met een scherpe punt en een zwaard om mee te houwen. Achter hem zien we branden en verwoestingen, terwijl in de lucht een opvallende ster straalt. Mars staat met zijn linkervoet op een Bijbel en met zijn rechter op een wetboek, waarop het woord PRIVILEGIA is geschreven. Het is duidelijk: niets is heilig voor de oorlogsgod. De pagina’s van het wetboek zijn bevlekt met bloed. Een bezoeker die ik ooit in de vergaderzaal rondleidde, merkte snedig op dat het net lijkt alsof Mars bij het douchen zijn teen heeft gestoten…

Mars vertrapt de wet (detail).

Allegorie op de Vrede – Adriaen Hanneman.

De Allegorie op de Vrede werd geschilderd door Adriaen Hanneman (1604-1671), een Hagenees en een goede bekende van Johan de Witt. Dat het om Vrede gaat, is direct duidelijk door de aanwezigheid van de witte duif met een olijftak in de snavel. Minder duidelijk is of de geportretteerde dame een godin moet voorstellen. Gelet op de aanwezigheid van Mars aan de overzijde ligt dat wel voor de hand. Ze zal dan Eirene zijn, in het Latijn Pax genoemd. Volgens de overlevering zou voor het schilderij een Haagse dame als model hebben opgetreden, waarvoor ze van de Staten een geschenk van 1000 gulden kreeg.[3] Vrede kijkt verzaligd omhoog naar vier putti die in de lucht zweven. Haar blik is nogal dromerig (een bezoeker stelde dat het wel leek alsof ze gedrogeerd was). De boodschap van de schoorsteenstukken is duidelijk: de Staten schipperen met hun beslissingen voortdurend tussen oorlog en vrede. Ondertussen kijken van boven de Kinderen van Staat en de wereld buiten de Republiek mee.

Helaas is voor hedendaagse bezoekers het zicht op de beide schoorsteenstukken flink verpest door de aanwezigheid van twee balkons in de zaal. Na haar instelling in 1815 vergaderde de Eerste Kamer aanvankelijk in de Trêveszaal, en wel achter gesloten deuren. De Grondwet van 1848 bepaalde echter in artikel 96 dat beide Kamers in het openbaar moesten vergaderen. Openbaarheid was in de Trêveszaal niet te verwezenlijken, zodat de Senaat moest uitwijken naar de voormalige vergaderzaal van de Staten van Holland en West-Friesland. Die werd tot 1975 gedeeld met de provinciale staten van Zuid-Holland. In de vergaderzaal was voldoende ruimte voor publiek, maar tribunes waren er nog niet. Eerst werden er tijdelijke tribunes geplaatst, die in 1870 werden vervangen door verhoogde tribunes op ijzeren kolommen.[4] De huidige tribunes dateren van 1881. Oorspronkelijk waren ze versierd met houten lambriseringen, maar deze zijn in 1994-1995 weer verwijderd.

Portret van Koning Willem II boven het rostrum.

Overige decoraties

Wie de vergaderzaal bezocht of vanaf de tribune een debat volgde, kon onmogelijk om het enorme portret van Koning Willem II (1840-1849) boven het rostrum heen. Willem werkte mee aan de genoemde grondwetsherziening van 1848, waardoor hij het recht kwijtraakte om zelf senatoren te benoemen. Die werden voortaan gekozen door provinciale staten. Naar verluidt vond de koning het wel spijtig dat de grondwetswijziging zijn band met de senatoren doorsneed. Daarom zou hij de Eerste Kamer zijn portret hebben geschonken, “dan ben ik altijd bij U”.[5] Het enorme portret werd geschilderd door Jan Adam Kruseman (1804-1862), niet te verwarren met zijn achterneef Cornelis Kruseman (1797-1857). Op 20 oktober 1848 was het schilderij klaar. Helaas heeft Koning Willem II het zelf nooit gezien. Sinds mei 1849 hangt het schilderij in de vergaderzaal van de Eerste Kamer. Bij de verhuizing van de Senaat in de zomer van 2021 naar zijn tijdelijke onderkomen aan de Kazernestraat kon het niet meegenomen worden. In de tijdelijke vergaderzaal hangt boven het rostrum een werk van Navid Nuur.

In de boogvelden of lunetten (halvemaanvormige velden) zien we acht mannen die de zaal in kijken. Oorspronkelijk hingen in deze boogvelden en aan de muren wandtapijten van Maximiliaan van der Gucht (1603-1689), maar deze zijn – zoals in deel 1 reeds besproken – in de Franse tijd verdwenen. De wanden van de vergaderzaal zouden vervolgens tot 1994-1995 deels leeg blijven, maar de boogvelden werden in 1849 gevuld met doeken waarop Bartholomeus Johannes van Hove (1790-1880) de portretten van acht raadpensionarissen uit de tijd van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en de Bataafse Republiek schilderde. Het gaat om:

Johan van Oldenbarnevelt – Bartholomeus Johannes van Hove.

De eerste zeven waren raadpensionaris (en in het geval van Johan van Oldenbarnevelt dus eigenlijk landsadvocaat) van het gewest Holland. Schimmelpenninck was echter tussen 1805 en 1806 raadpensionaris van de Bataafse Republiek. Waar de raadpensionarissen ten tijde van de Republiek formeel ambtenaren in dienst van de Staten waren, was Schimmelpenninck als raadpensionaris de facto president van het land. Hij is ook de enige van de acht geportretteerde figuren die echt een band met de Eerste Kamer heeft, want tussen 1815 en 1825 was hij lid van de Senaat.

De acht raadpensionarissen zijn ongetwijfeld gekozen vanwege hun bekendheid. De lijst is zeker niet volledig. Opvallend is dat de boogvelden veel donkerder zijn geschilderd dan het schitterende en heldere plafond. Dat komt omdat het plafond in de negentiende eeuw heel veel minder schitterend en helder was. Door het vele stoken in de zaal was het vuil en dof geworden. Van Hove paste de kleurstelling van zijn schilderingen aan de toenmalige staat van het plafond aan. Dankzij een grondige restauratie in 1994-1995 hebben de plafondschilderingen hun oorspronkelijke kleuren teruggekregen. De kleuren van de boogvelden konden uiteraard niet aangepast worden, zodat vandaag de dag een opmerkelijk contrast zichtbaar is.

Dit is deel 7 in de serie over de Eerste Kamer vóór de renovatie van het Binnenhof.

Noten

[1] Zie Marion Bolten, Huis van de Senaat, p. 153.

[2] Hierover ook Luc Panhuysen, De Ware Vrijheid, p. 301.

[3] Marion Bolten, Huis van de Senaat, p. 157.

[4] Marion Bolten, Huis van de Senaat, p. 169.

[5] Marion Bolten, Huis van de Senaat, p. 163.

Leave a Reply

Your email address will not be published.

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.