Ravenna: De Duomo

Duomo di Ravenna.

De volledige naam van de enorme kathedraal of Duomo van Ravenna is de cattedrale metropolitana della Risurrezione di Nostro Signore Gesù Cristo. Ze is gewijd aan de wederopstanding (anastasis) van Jezus Christus. De kathedraal werd in de achttiende eeuw gebouwd op precies dezelfde plek als de kathedraal uit de Late Oudheid, die in de late vierde of vroege vijfde eeuw was verrezen. Hoewel sprake is van een relatief nieuw gebouw, zijn sommige elementen van het oudere gebouw – en dan voornamelijk latere toevoegingen zoals de klokkentoren en bepaalde kapellen – bewaard gebleven. Een bezoek aan de Duomo is zeer de moeite waard, en bovendien gratis.

Geschiedenis van de kathedraal

De bouw van de kathedraal van Ravenna wordt doorgaans toegeschreven aan bisschop Ursus, en het oorspronkelijke gebouw wordt dan ook naar hem de Basilica Ursiana genoemd. Het probleem is echter dat we niet precies weten wanneer Ursus bisschop van Ravenna was. Lijsten met de namen van de vroege bisschoppen dateren van veel later en zijn niet altijd betrouwbaar. Volgens de overlevering was Apollinaris de eerste bisschop van Ravenna, en hij zou een leerling van Petrus zijn geweest. Tijdens de regering van keizer Vespasianus (69-79) zou hij de marteldood gestorven zijn. Echter, de eerste bisschop van Ravenna die met zekerheid als historisch beschouwd kan worden, is Severus, die in de jaren 340 het ambt bekleedde.

Mozaïek van Bisschop Ursus in de Sant’Apollinare in Classe.

Als data voor het episcopaat van Ursus, die eveneens als een bestaand persoon beschouwd kan worden, worden ofwel de jaren ca. 370-396 gegeven, ofwel de jaren 405-431. Als Ursus inderdaad verantwoordelijk was voor de bouw van de basiliek die zijn naam draagt, dan moet hij de opdracht voor de bouw hebben gegeven net vóór of net ná de verhuizing van het keizerlijke hof naar Ravenna in 402. Als Ravenna reeds vóór 402 een schitterende christelijke kathedraal had, dan zou dit een aanvullende reden voor keizer Honorius kunnen zijn geweest om van Ravenna zijn nieuwe hoofdstad te maken. Als echter deze kathedraal nog niet gebouwd was, dan was het feit dat de West-Romeinse keizers vanaf nu in Ravenna hun residentie hadden een sterke stimulans om met de bouw van zo’n kathedraal te beginnen. We weten dat de beslissing van Honorius om het hof naar Ravenna te verplaatsen tot een ware bouwhausse leidde, en de bouw van de Basilica Ursiana past daar prima bij. We weten ook dat de status van de bisschoppen van Ravenna werd vergroot nadat de stad de zetel van het keizerlijke hof was geworden. De bisschoppen kregen namelijk op enig moment in de vijfde eeuw de status van metropoliet. Daarmee stonden de bisschoppen in Ravenna in rang boven de bisschoppen in de omgeving, inclusief die van de steden Parma, Bologna en Imola.

De Basilica Ursiana was een groot rechthoekig gebouw van zo’n 60 bij 35 meter. Het gebouw had de vorm van een klassieke Romeinse basilica, zonder dwarsschip. Rijen zuilen verdeelden het interieur van de kathedraal in een middenschip en vier zijbeuken, twee aan elke kant. Van de oorspronkelijke decoraties, die overdadig en prachtig moeten zijn geweest, is helaas weinig over. De negende-eeuwse priester Agnellus heeft ons een beschrijving van de kerk in zijn eigen tijd nagelaten, waaruit we kunnen afleiden dat de muren en het plafond van het gebouw waren versierd met kostbare stenen, mozaïeken en pleisterwerk. In de tiende eeuw werd een klokkentoren aan de kathedraal toegevoegd en deze is gelukkig gespaard bij de herbouw in de achttiende eeuw. In de vroege twaalfde eeuw kreeg de kathedraal nieuwe mozaïeken, en wat daarvan over is, kan bewonderd worden in het Museo arcivescovile di Ravenna, dat zich naast de kathedraal bevindt. Op de mozaïeken was kennelijk een grote rol weggelegd voor Sint Apollinaris, traditioneel de eerste bisschop van de stad. De kathedraal was echter niet mede aan hem gewijd (een kapel in de huidige kathedraal overigens wel).

Schip van de Duomo.

Het schip van de Basilica Ursiana werd bij minstens drie gelegenheden in de tiende, veertiende en zestiende eeuw gerenoveerd. In 1727 besloot aartsbisschop Maffeo Nicolò Farsetti de hele kathedraal te herbouwen op het grondplan van de oude basiliek. Het project werd toevertrouwd aan Giovanni Francesco Buonamici (1692-1759), een architect uit Rimini die al werk had verricht aan de kerk van San Vitale elders in Ravenna. Buonamici kreeg de opdracht de oude kathedraal grotendeels te slopen en op dezelfde plaats een nieuwe kathedraal in Barokstijl op te bouwen. Het project nam in 1734 een aanvang en werd pas in 1745 voltooid. De nieuwe kathedraal werd vervolgens in 1749 gewijd. Hoewel ik niet echt van Barokke kerken houd, moet ik zeggen dat Buonamici bij de kathedraal van Ravenna goed werk heeft geleverd. Het interieur van de Duomo is mooi, net als de kleuren en het licht. Voor een Barokke kathedraal zijn de decoraties in de Duomo tamelijk eenvoudig, in elk geval voor wat betreft het middenschip en de zijbeuken (over de kapellen valt te twisten).

Interessante zaken in de Duomo

Ambo van Agnellus.

De kathedraal heeft een prachtige vloer, die deels is gemaakt van hergebruikt marmer uit de originele Basilica Ursiana. Een van de interessantste voorwerpen in de Duomo is de ambo of kansel van Agnellus, die bisschop van Ravenna was van 557 tot en met 570 en niet verward moet worden met de priester en historicus Agnellus uit de negende eeuw (hierboven reeds genoemd). De kansel is gemaakt Proconnesisch marmer, dat wil zeggen marmer dat is geïmporteerd van het eiland Prokonnesos in de Zee van Marmara. Wellicht werd de kansel direct vanuit Constantinopel ingevoerd. Op beide zijden van de ambo staat een tekst te lezen:

SERVVS XPI AGNELLUS EPISC HUNC PYRGUM FECIT

hetgeen kan worden vertaald als: “Bisschop Agnellus, dienaar van Christus, maakte deze kansel (pyrgum)”.

De kansel is aan beide zijden versierd met 36 vierkante panelen waarop verschillende dieren zijn afgebeeld. Van boven naar beneden zien we: lammeren (Agnellus betekent trouwens ‘lam’), pauwen, herten, duiven, eenden en vissen. Een groot door bisschop Agnellus besteld kruis kan men tegenwoordig in het Museo arcivescovile di Ravenna bewonderen, en daar vindt men tevens de bisschopstroon die is gemaakt voor en vernoemd naar de voorganger van Agnellus, bisschop Maximianus (546-557).

Capella della Madonna del Sudore.

In het rechter gedeelte van het dwarsschip treft de bezoeker een interessante kapel aan, de Cappella della Madonna del Sudore, de ‘Madonna van het Zweet’ in het Nederlands. De naam verwijst naar een klein icoon (35 bij 23 cm) van een Madonna met Kind dat in deze kapel wordt bewaard. Het icoon dateert van de veertiende eeuw. Het verkreeg zijn naam – ‘Madonna van het Zweet’ – toen een dronken soldaat met zijn mes een jaap in het icoon sneed. Het icoon zou toen op miraculeuze wijze bloed hebben gezweet. In 1630 werd besloten een kapel voor de Madonna del Sudore te bouwen. Het icoon zelf – een beschilderd paneel – is niet erg bijzonder, maar het verhaal erachter is vermakelijk en de kapel rijkversierd. Men zie de afbeelding links.

De interessantste voorwerpen vindt men echter in het linker- en het rechtergedeelte van de kapel. Rechts staat de graftombe van de Zalige Rinaldo da Concorezzo, aartsbisschop van Ravenna tot aan zijn dood in 1321. Rinaldo was een tijdgenoot van de beroemde dichter Dante Alighieri, die uit Florence was verbannen en eveneens in 1321 in Ravenna stierf. De graftombe (zie de afbeelding hieronder uiterst rechts) is feitelijk een hergebruikte Romeinse sarcofaag uit de vroege vijfde eeuw. De tombe is versierd met een voorstelling met drie Bijbelse figuren. In het midden zien we Jezus Christus op zijn troon, met een halo met de letters chi-rho om zijn hoofd en een boek in zijn linkerhand. Paulus en Petrus – laatstgenoemde met een groot kruis op zijn schouder – naderen van beide kanten met een kroon. Het deksel van de grafkist heeft een simpele ‘schubbenversiering’.

Tombe Zalige Rinaldo.

Tombe Sint Barbatianus.

Links in de kapel staat nog een sarcofaag uit de vijfde eeuw (zie de afbeelding rechts). Deze stond oorspronkelijk in de kerk van San Lorenzo in Caesarea, nog gebouwd door Honorius (zie Ravenna: San Giovanni Evangelista), en werd later overgebracht naar de Basilica Ursiana. In de zeventiende eeuw werden de overblijfselen van Sint Barbatianus (Barbaziano di Ravenna) in de sarcofaag gelegd. Hij was de biechtvader van keizerin Galla Placidia, en kennelijk vond men destijds dat hij een mooiere laatste rustplaats verdiende. De marmeren sarcofaag is erg fraai. Zuilen verdelen het onderste gedeelte in vijf nissen. In de middelste nis staat wederom Jezus Christus. Hij wordt geflankeerd door Paulus (met een boek) en Petrus (met een kruis). In de buitenste nissen staan vazen met planten. Op het deksel zien we het chi-rho-symbool met de alfa en de omega tussen twee met juwelen bezette kruizen.

Mozes verzamelt manna – Guido Reni.

Ten slotte raad ik iedereen een bezoek aan de Cappella del Santissimo Sacramento aan de andere kant van de kerk aan. Het altaarstuk toont Mozes die manna verzamelt. Het meet 301 bij 203 centimeter, inclusief het frame, en werd geschilderd door Guido Reni (1575-1642), een Barokschilder uit Bologna. Het schilderij is gebaseerd op Exodus 16 in het Oude Testament. Reni werkte eraan tussen 1614 en 1615. Mozes lijkt hoorntjes op zijn hoofd te hebben, maar dit zouden ook lichtstralen kunnen zijn. De originele Hebreeuwse tekst van Exodus is kennelijk erg lastig. Deze bezorgde reeds Sint Hiëronymus problemen toen die de Vulgaat schreef. Nog beroemder is de casus van Michelangelo, die voor het grafmonument van Paus Julius II een Mozes beeldhouwde met een paar monumentale horens.

Bronnen

 

 

 

 

2 Comments:

  1. Pingback: Ravenna: Het Orthodoxe Baptisterium – – Corvinus –

  2. Pingback: Ravenna: San Giovanni Evangelista – – Corvinus –

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.