Vicenza: San Lorenzo

De San Lorenzo.

De kerk van San Lorenzo in Vicenza dateert van de dertiende eeuw. Ze is uiteraard gewijd aan Sint Laurentius de Diaken, die in het jaar 258 de marteldood stierf (voor meer informatie, zie hier en hier). De kerk en het aangrenzende klooster zijn altijd beheerd geweest door leden van de Orde der Franciscanen. Nu is Sint Laurentius geen typisch Franciscaanse heilige: hij stierf bijna 1.000 jaar vóór de stichting van de Orde. Toen de bouw van de kerk in 1280 startte, verving de San Lorenzo waarschijnlijk een oudere kapel die al aan deze heilige was gewijd. De nieuwe kerk, gebouwd in Gotische stijl, werd omstreeks het jaar 1300 voltooid. Van het naastgelegen klooster, voltooid in de eerste helft van de vijftiende eeuw, kan men de eerste kruisgang bezoeken. Het is er doorgaans plezierig rustig.

Na de invasie van Napoleon in Italië in de jaren 1790 werd de kerk verlaten en vervolgens gebruikt als hospitaal en militaire kazerne. De kloosterorden werden ontbonden en de Franciscanen werden gedwongen te vertrekken. Toen de gemeentelijke autoriteiten van Vicenza in 1836 de San Lorenzo aankochten, kochten ze feitelijk een bouwval. Restauratie was hoognodig. In de eeuw die volgde op de aankoop werd de kerk regelmatig heropend en vervolgens weer gesloten vanwege oorlogen en ernstige bouwkundige gebreken. In 1927 keerden de Franciscanen terug naar hun San Lorenzo, meer dan een eeuw nadat ze er door de Fransen waren weggejaagd.

Aangrenzend klooster.

Interieur van de kerk.

Een opvallend kenmerk van de kerk is haar imposante gevel met puntdak, een facciata a capanna zoals de Italianen zeggen. Het bovenste gedeelte ervan is een enorm bakstenen fronton met één groot roosvenster en vijf kleinere oculi. Het onderste gedeelte van de gevel bestaat uit zeven Gotische bogen en een prachtig Gotisch portaal, toegeschreven aan de architect en beeldhouwer Andriolo de Santi (zie hier en hier) en gemaakt tussen 1342 en 1344. Het geld voor het portaal werd bijeengebracht door Pietro da Marano, een adviseur van de familie Della Scala van Verona en tevens een woekeraar die boetedoening zocht voor zijn zonden (net als Enrico Scrovegni in Padova). Pietro da Marano werd zelf vereeuwigd in de lunette van het portaal, knielend voor de Madonna met het Kind en geflankeerd door Sint Franciscus van Assisi en Sint Laurentius (zie deze afbeelding). Het zal bezoekers wellicht opvallen dat Pietro er een beetje merkwaardig uitziet, met een groot hoofd en een klein lichaam. Zijn bijnaam ‘Il Nano’, de dwerg, verschaft ons in dit geval een hint: de man was inderdaad een dwerg en Andriolo de Santi heeft hem ook als zodanig gebeeldhouwd. Tot de versieringen van de gevel behoren ook vier veertiende-eeuwse sarcofagen.

Eenmaal binnen kunnen we concluderen dat de San Lorenzo een grote kerk is met een sober interieur. De kerk is indrukwekkend in haar eenvoud. Ze wordt door enorme gestreepte zuilen opgedeeld in een middenschip en twee zijbeuken. De interne decoraties bestaan voor een groot deel uit graftomben en andere grafmonumenten uit verschillende eeuwen. Een voorbeeld van een beroemdheid die in de San Lorenzo begraven werd, is de dichter Giacomo Zanella (1820-1888). Buiten, op de Piazza San Lorenzo, staat zijn standbeeld. Een van de interessantste graftomben in de kerk is die van Bartolomeo Da Porto in de Cappella della Madonna. Deze werd omstreeks 1404 gemaakt en wordt toegeschreven aan de beeldhouwer en architect Pierpaolo dalle Masegne. De tombe heeft een beeltenis van de overledene onder een prachtig gebeeldhouwd baldakijn. Ooit was het monument helemaal omgeven door fresco’s, maar daarvan zijn slechts resten bewaard gebleven. Paulus (links) en Petrus (rechts) zijn nog steeds herkenbaar. De fresco’s worden toegeschreven aan Bartolomeo Montagna (ca. 1449-1523) en ze zijn pas later toegevoegd.

Graftombe van Bartolomeo Da Porto.

Altare Pojana.

Het interessantste kunstwerk in de kerk is het Altare Pojana (of Poiana) aan de rechterzijde, gemaakt in opdracht van een belangrijke adellijke familie uit Vicenza. Het centrale gedeelte van het altaar is een marmeren doksaal of altaarscherm dat wordt toegeschreven aan Pietro Lombardo (ca. 1435-1515) en op 1474 wordt gedateerd. We zien op het scherm hoe Christus wordt ondersteund door twee engelen en wordt geflankeerd door links Sint Franciscus en rechts Sint Bernardino da Siena. Bernardino houdt een schijf vast met daarop de letter IHS, een verwijzing naar de naam van Christus (de eerste drie letters van de naam van Jezus in het Grieks zijn Jota, Èta en Sigma). In de lunette boven Christus ontwaren we God de Vader, omringd door serafijnen. Het altaar wordt overkapt door een grote boog die rust op twee rijkversierde zuilen. In de grote lunette zien we dan nog een fresco van de Kruisiging. De fresco’s van het altaar worden toegeschreven aan Bartolomeo Montagna (zie hierboven), Giovanni Buonconsiglio (ca. 1465-1537) of Andrea da Murano (gestorven 1512). In 2014 werd het altaar gerestaureerd dankzij een donatie van de Fondazione Giuseppe Roi, een stichting vernoemd naar een mecenas die vijf jaar daarvoor was overleden.

Het Italiaanse Wikipedia heeft een uitstekend artikel over de San Lorenzo, dat als basis voor deze bijdrage diende. Meer informatie over het Altare Pojana vindt men hier.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.